Gladiator Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/gladiator/ Blog van de onderzoeksgroep Oude Geschiedenis (KU Leuven) Fri, 17 Jan 2025 14:12:19 +0000 nl-NL hourly 1 https://wordpress.org/?v=6.9.4 https://www.oudegeschiedenis.be/wp-content/uploads/2017/09/logo_oudegeschiedenis-e1509732999548.png Gladiator Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/gladiator/ 32 32 136391722 Het gedonder van de wereldgeschiedenis, of wat we kunnen leren van antieke belastingen https://www.oudegeschiedenis.be/17/11/2024/het-gedonder-van-de-wereldgeschiedenis-of-wat-we-kunnen-leren-van-antieke-belastingen/ https://www.oudegeschiedenis.be/17/11/2024/het-gedonder-van-de-wereldgeschiedenis-of-wat-we-kunnen-leren-van-antieke-belastingen/#respond Sun, 17 Nov 2024 16:24:08 +0000 https://www.oudegeschiedenis.be/?p=2625 Reliëf van een Romeinse pachtbetaling van de Trierse bevolking uit het Rheinisches Landesmuseum Trier

Antieke fiscaliteit is een specialiteit van onze Leuvense onderzoekseenheid, en eerder kon u op deze blog al bijdragen lezen over belastingen op bier, olie, begrafenissen en prostitutie. In dit artikel bieden we een overzicht van het panorama van diverse antieke belastingen, hun inning en ontduiking, en wat ze ons vertellen over antieke staten en hun inwoners.

Het bericht Het gedonder van de wereldgeschiedenis, of wat we kunnen leren van antieke belastingen van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
In this world nothing can be said to be certain, except death and taxes”. De gevleugelde woorden van Benjamin Franklin worden bevestigd door documenten die in 1789 nog niemand kon lezen. Sumerische en Egyptische teksten uit het 3de millennium v.C. tonen hoe staten al bij het begin van de geschiedenis inkomsten verzamelden. Alle overheden, huidige en historische, staan op dat vlak voor gelijkaardige uitdagingen. De oplossingen kunnen echter sterk uiteenlopen.

Sumerische kwitantie voor stro uit de 21ste eeuw v.C.

Antieke fiscaliteit is een specialiteit van onze Leuvense onderzoekseenheid, en eerder kon u op deze blog al bijdragen lezen over belastingen op bier, olie, begrafenissen en prostitutie. Fiscale hervormingen vormen tevens het onderwerp van mijn nieuwe postdoctorale project ‘FARE‘. Naar aanleiding daarvan bied ik u graag een panorama van diverse antieke belastingen, hun inning en ontduiking, en wat ze ons vertellen over antieke staten en hun inwoners. Hopelijk maakt dat uw volgende aangifte net iets minder pijnlijk, of voelt u zich op zijn minst een beetje verbonden met uw antieke lotgenoten.

“The thunder of world history”

Fiscaliteit doet misschien niet spontaan veel harten sneller slaan (althans niet van degenen die braaf het verschuldigde betalen). Waarom zouden we ons moeten interesseren voor fiscale geschiedenis? Joseph Schumpeter, een van de meest invloedrijke economen uit de 20ste eeuw, verwoordde het als volgt:

“The spirit of a people, its cultural level, its social structure, the deeds its policy may prepare — all this and more is written in its fiscal history, stripped of all phrases. He who knows how to listen to its message here discerns the thunder of world history more clearly than anywhere else.” (Crisis of the Tax State, 1918)

Het “gedonder van de wereldgeschiedenis” dus! Dat klinkt behoorlijk dramatisch, maar belastingen en hun organisatie bieden inderdaad een schat aan informatie over sociale, economische en politieke geschiedenis. Omdat belastingen een constante zijn doorheen de geschiedenis is een historisch perspectief ook relevant voor de organisatie van onze fiscaliteit, en de antieken kunnen ons een en ander leren over hoe of misschien vooral hoe niet belastingen te organiseren.

Enkele misverstanden over belastingen in de Oudheid

Deze munt van keizer Caligula (37–41 n.C.) verwijst naar zijn afschaffing van een verkoopsbelasting. De voorzijde toont — misschien met enig gevoel voor ironie — de vrijheidsmuts

Antieke heersers worden al te gemakkelijk voorgesteld als hebzuchtige tirannen. Echter, zoals keizer Tiberius opmerkte, is het in het belang van een “herder” om zijn schapen te scheren en niet te villen. De documentaire bronnen uit veel gebieden tonen dat antieke staten op binnenlands vlak stabiele boven maximale inkomsten verkozen. Autocratische regimes beloven bovendien vaak een lager belastingtarief om te compenseren voor een gebrek aan vrijheid. Dat idee gaat al terug tot de Franse filosoof Montesquieu en lijkt haar bevestiging te vinden in de lagere belastingtarieven in het Perzische en Romeinse Rijk. Dit kan deels verklaard worden door het feit dat deze staten minder in oorlogsvoering moesten investeren. Maar het is misschien geen toeval dat Finland met een van de hoogste belastingen ter wereld steevast op nummer 1 eindigt in het World Happiness Report.

Een ander misverstand is dat antieke economieën “primitief” waren en grotendeels gebaseerd op ruilhandel. Niets is minder waar, en antieke staten begonnen al vroeg belastingen te innen in edelmetaal. In Babylonië vinden we in de ‘Ur-III’-periode (late 3de millennium v.C.) al een belasting op vee in zilver, en in Egypte een gelijkaardige taks geïnd van vissers in het 2de millennium v.C. In de loop van het 1ste millennium v.C. wonnen belastingen in cash echt aan belang doorheen het hele Middellandse Zeegebied en Mesopotamië.

Een lappendeken aan verschillende belastingen

De basis van de meeste hedendaagse staatsfinanciën is de algemene inkomstenbelasting. Ondanks indrukwekkende bureaucratieën had geen enkele antieke staat daarvoor de infrastructuur en de informatie. Om die reden werd er ook vaak een beroep gedaan op lokale elites zoals priesters en op belastingpachters. Aangezien alle antieke beschavingen landbouwsamenlevingen waren, hadden de meeste staten een vorm van belasting op het land. Vaak ging het om 10% van de oogst, maar bijvoorbeeld in Ptolemaeïsch Egypte lag het (variabele) tarief veel hoger. Land dat toebehoorde aan invloedrijke tempels werd vaak minder belast, in Babylonië onder de Perzen bijvoorbeeld maar aan 3%. Degenen wiens hoofdberoep een ambacht of een dienst was, waren doorgaans onderworpen aan een professionele taks. Ook op dat vlak liepen de modaliteiten uiteen, maar de hoogst bekende belasting was die in de Griekse stad Byzantion, waar bepaalde groepen een derde van hun inkomsten moesten afdragen.

Scène uit het graf van de Egyptische vizier Rekhmire (ca. 1400 v.C.). Vertegenwoordigers van 80 Opper-Egyptische dorpen betalen belastingen in goud, zilver, vee, kleding en honingNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

Scène uit het graf van de Egyptische vizier Rekhmire (ca. 1400 v.C.). Vertegenwoordigers van 80 Opper-Egyptische dorpen betalen belastingen in goud, zilver, vee, kleding en honing

In de Oudheid kende men geen algemene btw, maar wel verkoopstaksen, die uiteraard werden doorgerekend aan de klant. Die belastingen konden zowel algemene markt-taksen als specifieke belastingen zijn, bijvoorbeeld op de verkoop van gladiatoren in het Romeinse Rijk. Wie een huis kocht of een ander contract wilde laten registreren, betaalde op veel plaatsen een vorm van registratierechten. Zij die producten wilden invoeren of uitvoeren, een activiteit die makkelijk te controleren viel, waren quasi overal onderhevig aan douane- en tolheffingen. Dit soort taksen was in vredestijd de belangrijkste bron van inkomsten voor zowel de Griekse stadstaten als de vroeg-Romeinse Republiek. Zo vermeldt Strabo de spreekwoordelijke domheid van de inwoners van Cumae, die pas 300 jaar na de stichting van de stad douanerechten verpachtten:

[…] κατέσχεν οὖν δόξα ὡς ὀψὲ ᾐσθημένων ὅτι ἐπὶ θαλάττῃ πόλιν οἰκοῖεν. (Strabo XIII, 3, 6)
[…] aldus kregen ze de reputatie een volk te zijn dat pas laat doorhad in een stad bij de zee te wonen.

Een type taks dat vandaag omstreden is, en bijvoorbeeld een groot twistpunt vormt in de Belgische regeringsvorming, is de vermogensbelasting. In de Oudheid was het echter een courante praktijk om hogere defensie-uitgaven te compenseren door vermogens aan te spreken. Zo hieven vele Griekse steden in oorlogstijd de zogenaamde eisphora, en de Romeinen in de Republiek het tributum, beide enkel betaald door zij die een bepaald vermogen bezaten. Ook het antieke China kende in de 2de en 1ste eeuw v.C. een vermogensbelasting. Een gerelateerde praktijk is het innen van successierechten, zoals de vicesima hereditatum (“5% van de erfenis”) ingevoerd door keizer Augustus.

Taksen: een heel karwei

Met 833 mogelijke codes lijkt het invullen van de Belgische belastingaangifte misschien veel werk. Maar het kan erger: in de Oudheid moesten veel inwoners fysiek werk verrichten voor de staat. Vooral in het oude nabije oosten en in Egypte vinden we diverse vormen van corvee (waar ons woord ‘karwei’ van afgeleid is), maar ook de Inca’s, Azteken en de oude Chinezen kenden deze praktijk. In België verdween elke vorm van verplichte arbeid met de opschorting van de militaire dienstplicht in 1992. Naast militaire dienst werd corvee vaak gebruikt voor de cultivatie van staatsland, voor publieke bouwwerken (zoals piramides), en vooral voor het onderhoud van het irrigatiesysteem, waar de hele bevolking baat bij had. Na verloop van tijd konden deze verplichtingen worden afgekocht met zilver of geld. In Mesopotamië werd dit al gangbaar in het 2de millennium v.C., wat suggereert dat deze regio al vroeg een echte arbeidsmarkt had.

Reliëf voor de bouw van een tempel in Lagash (ca. 2500 v.C.). Links houdt koning Ur-Nanshe een typische corveemand voor het dragen van aarde boven zijn hoofd

“No taxation without representation?”

Geen belasting zonder vertegenwoordiging was de slagzin van de Amerikaanse revolutie. Ook in de Oudheid speelden taksen vaak een rol in het uitbreken van opstanden, in het bijzonder wanneer de legitimiteit van de veroveraars om te belasten in twijfel getrokken werd. Voorbeelden zijn legio: de vele revoltes in het Perzische rijk, de grote Thebaanse opstand tegen de Ptolemaeën, de Makkabese opstand tegen de Seleuciden, revoltes tegen de Romeinse overheersing, enz. Sommige regimes, zoals het Perzische rijk of de Delisch-Attische Zeebond verbloemden tribuutbetalingen dan ook als “vrijwillige” giften.

Ionische Grieken brengen giften naar de Perzische koning in deze scène uit de Apadana in Persepolis (eerste helft 5de eeuw v.C.)

Taksen kunnen een teken van onderwerping en uitsluiting zijn, zoals ook het geval was bij de beruchte Joodse taks onder de Romeinen. Anderzijds kon het betalen van belastingen net bijdragen tot het vormen van een gemeenschap en lidmaatschap ervan uitdrukken. Dat wordt op pijnlijke wijze duidelijk voor slaven: zij betaalden nergens zelf belastingen, maar de opbrengst van hun arbeid werd belast. In het oude Rome werden sommige taksen, zoals successierechten, enkel van burgers geheven. Lange tijd dacht men dat de Grieken directe belastingen als een teken van tirannie zagen, maar intussen is het duidelijk dat de steden hun burgers wel degelijk belastten. Wel is het zo dat de Atheners publieke goederen in ruil verwachtten, en dat ze veel meer inspraak hadden dan de onderdanen van de grote rijken.

Belastingvrijstelling: een tweesnijdend zwaard

In andere gevallen was het belastingvrijstelling die bijdroeg tot het definiëren van de gemeenschap. In Sparta was er een onderscheid tussen de Spartaanse burgers die militaire dienst leverden en de heloten die belastingen betaalden. Volgens Herodotus waren de inwoners van het Perzische kerngebied vrijgesteld van belastingen. De Romeinse Republiek schafte in 167 v.C. het tributum af, waardoor de belastingdruk verschoof van de burgers in Italië naar de inwoners van de nieuwe provincies. Onderzoekers hebben recent gewezen op de schaduwkant van deze vrijstelling. Omdat de staat en de elites de bijdragen van de burgers niet langer nodig hadden, verloren deze ook hun onderhandelingspositie en na verloop van tijd hun politieke inspraak.

Na de overwinning op de Macedonische koning Perseus in 167 v.C. (hier afgebeeld door Jean-François Pierre Peyron) schafte Rome de voornaamste belasting voor haar burgers af

Andere vrijstellingen werden toegekend als beloning of om machtige groepen aan de staat te binden. Niet zelden ging het daarbij om priesters, en in onze contreien waren bijvoorbeeld druïden vrijgesteld van belastingen. Taksen en vrijstellingen worden vaak gebruikt om het gedrag van mensen te beïnvloeden (social engineering). In een wel heel driest voorbeeld betaalden ongehuwde vrouwen tussen de 15 en 30 jaar oud in het oude China een tijdlang het vijfvoudige voor de hoofdelijke belasting. Met hetzelfde doel had het Romeinse keizerrijk het ius trium liberorum, dat bepaalde vrijstellingen toekende aan ouders van 3 of meer kinderen. In Ptolemaeïsch Egypte waren er dan weer uitzonderingen voor leraars, winnaars in de spelen, sportcoaches en acteurs. Die groepen hadden allemaal een sterke band met de Griekse cultuur, maar Egyptische priesters genoten ook privileges. Winnaars in de spelen kregen ook elders in de Griekse wereld belastingvrijstelling.

Belastingontduiking: een antieke sport?

Papyrus met aangifte tegen de voller Leon voor het ontwijken van de beroepsbelasting (227 v.C.)

Er wordt wel eens gezegd dat belastingontwijking (legaal) of -ontduiking (illegaal) een nationale sport is in België. Hoewel Plato het betalen van belastingen als een kenmerk van de rechtvaardige man beschrijft, en Jezus aanried om de keizer te geven wat de keizer toekwam, proberen mensen al belastingen te ontwijken zo lang als ze geïnd worden, zoals de klacht van de belastingpachter Athenagoras tegen de voller Leon [TM 43303] aantoont. In het bijzonder de papyri uit Egypte staan bol van de listen om belastingen te ontwijken. De Ptolemaeïsche Hierokles, een serie-overtreder, vroeg bijvoorbeeld aan zijn connecties om “brieven te schrijven naar de douanepost, zodat ze hem genereus behandelen” [TM 2386] en de Romeinse wever Tryphon [TM Arch 249] bleef lustig weefgetouwen bijkopen jaren nadat hij omwille van zijn slechtziendheid van belastingen was vrijgesteld. Overtreders moesten wel oppassen voor informanten, die tot een derde van de boete konden opstrijken.

Het waren overigens niet alleen belastingbetalers die achterpoortjes zochten. Een brief van de Romeinse consuls aan de Griekse stad Oropos uit het jaar 73 v.C. toont hoe sommige belastingpachters wel erg creatief met de fiscale wetgeving omgingen. Enkele jaren voordien had de generaal Sulla tempelland in de omgeving van de stad vrijgesteld van belastingen. Toch probeerden de pachters taksen te innen van de tempel van Amphiaraus. Hun argument? Technisch gezien was Amphiaraus een held, en geen volwaardige god. In dit geval besliste de Romeinse staat, op advies van onder andere Cicero, in het voordeel van de priesters. Maar ook in de Oudheid was het dus belangrijk om de kleine lettertjes te kennen!

Lees meer

Girardin, M. (ed.), Fiscalités antiques. Aux origines de l’administration provinciale romaine, Rome, 2023.
Monson, M. and Scheidel, S. (eds.),  Fiscal Regimes and the Political Economy of Premodern States, Cambridge, 2015.
Valk, J. and Soto Marín, I. (eds.), Ancient Taxation: The Mechanics of Extraction in Comparative Perspective, New York, 2021.

Coverfoto: Reliëf van een Romeinse pachtbetaling van de Trierse bevolking uit het Rheinisches Landesmuseum Trier, afkomstig van Wikimedia [CC0 1.0]

Dit project is gefinancierd onder de Marie Skłodowska-Curie Actions (MSCA)

Het bericht Het gedonder van de wereldgeschiedenis, of wat we kunnen leren van antieke belastingen van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/17/11/2024/het-gedonder-van-de-wereldgeschiedenis-of-wat-we-kunnen-leren-van-antieke-belastingen/feed/ 0 2625
Munt van de maand: “Fake news” of slimme strategie? Het heersersportret van Septimius Severus https://www.oudegeschiedenis.be/12/04/2019/munt-van-de-maand-fake-news-of-slimme-strategie-het-heersersportret-van-septimius-severus/ https://www.oudegeschiedenis.be/12/04/2019/munt-van-de-maand-fake-news-of-slimme-strategie-het-heersersportret-van-septimius-severus/#respond Fri, 12 Apr 2019 15:49:21 +0000 https://www.oudegeschiedenis.be/?p=1295 Munt van de maand: Septimius Severus

Ook vandaag nog zijn de ruïnes van het Libische Leptis Magna één van de meest indrukwekkende Romeinse sites in het Middellandse Zeegebied, mede dankzij het heroïsche verzet van de omwonende bevolking tegen terreurgroep IS. Voor de munt van deze maand bekijken we de muntslag van Septimius Severus (193-211 n.C.), een Romeinse keizer die geboren en getogen is in Leptis Magna, en vandaar bekend staat als de 'Afrikaanse keizer'. Het heersersportret van Septimius Severus, te vinden op zowel standbeelden als munten vertoont enkele opvallende kenmerken waarvan we ons kunnen afvragen of het hier om "fake news", dan wel om een slimme strategie gaat.

Het bericht Munt van de maand: “Fake news” of slimme strategie? Het heersersportret van Septimius Severus van Nick Vaneerdewegh verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
Munt van de maand: Septimius Severus

Ook vandaag nog zijn de ruïnes van het Libische Leptis Magna één van de meest indrukwekkende Romeinse sites in het Middellandse Zeegebied, mede dankzij het heroïsche verzet van de omwonende bevolking tegen terreurgroep IS. Voor de munt van deze maand bekijken we de muntslag van Septimius Severus (193-211 n.C.), een Romeinse keizer die geboren en getogen is in Leptis Magna, en vandaar bekend staat als de ‘Afrikaanse keizer’. Het heersersportret van Septimius Severus, te vinden op zowel standbeelden als munten vertoont enkele opvallende kenmerken waarvan we ons kunnen afvragen of het hier om “fake news”, dan wel om een slimme strategie gaat.

In 193 n.C. was het Romeinse Rijk in een diepe crisis verwikkeld. De Praetoriaanse Garde had de heersende keizer, Pertinax, na enkele maanden regering van kant gemaakt, in reactie op diens pogingen om de discipline van de keizerlijke lijfwacht weer op te krikken. De Praetorianen verkochten de keizertitel per opbod: Didius Julianus, eerder nog de prefect van Gallia Belgica, wist de veiling te winnen met een belofte van 25 000 sestertii (ongeveer 1,6 kilogram goud) per soldaat. De Romeinse legioenen die in de provincies gelegerd waren, lieten zo’n schandelijke verkoop echter niet over hun kant gaan en al snel kwamen drie commandanten openlijk in opstand: Clodius Albinus in Britannia, Septimius Severus aan de Donau en Pescennius Niger in het Oosten. Severus marcheerde terstond naar Rome als ‘wreker van Pertinax’. Didius Julianus trachtte nog enige weerstand te bieden, maar werd uiteindelijk, net als zijn voorganger, door de eigen troepen geëxecuteerd. De Senaat in Rome had weinig andere keuze dan Severus’ keizerschap te ratificeren: de nieuwe Severische dynastie was een feit. Na zijn troonsbestijging vocht de kersverse keizer eerst nog een bittere burgeroorlog uit met Pescennius Niger, daarna met zijn co-keizer Clodius Albinus.

Pertinax, Didius Julianus, Pescennius Niger, Clodius Albinus & Septimius Severus; de 5 keizers uit het vijfkeizerjaar 193

De keizerlijke zelfadoptie

Gezien de precaire basis voor zijn macht – militaire staatsgrepen waren op dat moment nog steeds eerder uitzonderlijk in het Romeinse Keizerrijk – diende Septimius Severus op zoek te gaan naar legitimiteit. Hij koos ervoor zichzelf te associëren met het illustere geslacht van de Antonijnen, in het bijzonder met de keizer-filosoof Marcus Aurelius. Deze associatie ging zeer ver. Via een knap staaltje ‘mentale gymnastiek’ adopteerde Septimius Severus zichzelf in 195 n.C. als zoon van Marcus Aurelius, die vijftien jaar eerder overleden was. De gehate Commodus, bekend als de megalomane keizer uit Gladiator, werd, als natuurlijke zoon van Marcus Aurelius, vergoddelijkt, en Caracalla, de oudste zoon van Septimius Severus, kreeg de nieuwe naam Marcus Aurelius Antoninus. Severus’ tijdsgenoten dachten er het hunne van. Zo feliciteerde de senator Auspex de keizer dat hij eindelijk “een vader gevonden had”, een sarcastische opmerking die zinspeelde op de weinig indrukwekkende afstamming van de keizer.

“Zo vader, zo zoon”

De keizerlijke zelfadoptie vond in het bijzonder haar weerslag in de portretkunst. Zowel de standbeelden als de muntportretten van Septimius Severus waren erop gericht de keizer te associëren met Marcus Aurelius. Opvallend is de ‘filosofische baard’ van Marcus Aurelius die ook verschijnt bij het heersersportret van Septimius Severus. De onderstaande munten, respectievelijk geslagen in Alexandrië en Antiochië, tonen enerzijds Septimius Severus, anderzijds Marcus Aurelius. De gelijkenissen tussen de twee portretten zijn dermate groot, dat het zonder muntlegendes quasi onmogelijk zou zijn hen te onderscheiden.

Tetradrachme van Septimius Severus, geslagen in Alexandrië in 195/6 n.C. (CNG, auction 105, lot 614)

Tetradrachme van Marcus Aurelius, geslagen in Antiochië in 176/7 n.C. (CNG, e-auction 379, lot 317)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een knap staaltje beeldmanipulatie? Fake news? Naar onze normen misschien wel, maar Romeinse (keizerlijke) portretten waren er niet noodzakelijk op gericht “de werkelijkheid” weer te geven. Eerder hadden ze een symbolische functie: zowel de stijl als de attributen drukten bepaalde boodschappen uit, bijvoorbeeld dat de keizer een succesvol militair was, dat de keizer op harmonieuze wijze regeerde, et cetera. In dit geval benadrukte het heersersportret van Septimius Severus de – weliswaar fictieve – band met Marcus Aurelius, en hield het portret ook de belofte in dat de keizer naar het voorbeeld van zijn adoptiefvader zou heersen.

Bibliografie

Baharal, D., ‘Portraits of the Emperor L. Septimius Severus (193-211 A.D.) as an Expression of his Propaganda’, Latomus 48, 1989, p. 566-580.

Birley, A., The African Emperor: Septimius Severus, 1971, London.

King, C., ‘Roman Portraiture: Images of Power’, in G. M. Paul & M. Ierardi (eds.), Roman Coins and Public Life under the Empire: E. Togo Salmon Papers II, 1999, p. 123-136.

McCann, A.M., The Portraits of Septimius Severus (A.D. 193–211), 1968, Rome.

Coverfoto: adaptatie van de foto ‘Libya 5458 Leptis Magna Luca Galuzzi 2007.jpg’ genomen door Luca Galuzzi – www.galuzzi.it vanop Wikimedia (CC BY-SA 2.5)

Het bericht Munt van de maand: “Fake news” of slimme strategie? Het heersersportret van Septimius Severus van Nick Vaneerdewegh verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/12/04/2019/munt-van-de-maand-fake-news-of-slimme-strategie-het-heersersportret-van-septimius-severus/feed/ 0 1295
Pompeï, waar de liefde zoet is, maar de lust regeert https://www.oudegeschiedenis.be/14/12/2017/pompei-liefde-zoet-is-lust-regeert/ https://www.oudegeschiedenis.be/14/12/2017/pompei-liefde-zoet-is-lust-regeert/#respond Thu, 14 Dec 2017 14:26:23 +0000 http://www.oudegeschiedenis.be/?p=375

De herontdekking van Pompeï, de provinciestad die in 79 n.C. bedolven werd door de uitbarsting van de Vesuvius, en de spectaculaire vondsten maakten in heel Europa een groot enthousiasme voor de Oudheid los. Onze antieke reisgids neemt je mee naar het dagelijks leven in deze vaste stopplaats op de 'Grand Tour'.

Het bericht Pompeï, waar de liefde zoet is, maar de lust regeert van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>

Het Italië van de late Republiek en de vroege Keizertijd roept vaak het beeld op van verheven redenaars die plechtig staan te declameren in met onberispelijk wit marmer versierde steden. Wie over het Forum Romanum wandelt, of Cicero ter hand neemt, krijgt inderdaad deze indruk. Ook de keurige achttiende- en negentiende-eeuwse historici geloofden erg in dit geïdealiseerde beeld van de Romeinse beschaving. De herontdekking van Pompeï, de provinciestad die in 79 n.C. bedolven werd door de uitbarsting van de Vesuvius, maakte abrupt een einde aan deze illusies. De spectaculaire vondsten maakten in heel Europa een groot enthousiasme voor de Oudheid los, en Pompeï werd een vaste stopplaats op de ‘Grand Tour’ (die goede oude tijd toen twintigers hun opleiding op reis genoten en niet in de aula), maar niet alle ontdekkingen werden op evenveel gejuich onthaald.

Straat met opstapstenen in Pompeï

De goed bewaarde huizen, winkels, tavernes en tempels bleken namelijk onder de graffiti te zitten, achtergelaten door gewone Romeinen. Deze boodschappen, geschilderd op of gekerfd in binnen- en buitenmuren, spreken rechtstreeks tot de moderne mens. Alleen blijken ze allesbehalve verheven. Naast advertenties, aankondigingen en graffiti van het type “Marcus was hier”, wemelt het in Pompeï namelijk van de beledigingen, scatologische leuzen en expliciete seksuele afbeeldingen. Sommige van deze graffiti en fresco’s bleken zo aanstootgevend dat ze opnieuw overpleisterd werden en pas recent weer aan het licht kwamen.

Graffiti in het Teatro Piccolo

Vandaag kunnen we de schat aan informatie over de dagelijkse leefwereld van de modale Romein beter naar waarde schatten. Ook het brede publiek geraakt meer en meer vertrouwd met hoe het er in het dagelijkse Romeinse leven aan toe ging, dankzij tv-series als Rome die er niet voor terugdeinzen om het oude Rome in al haar ruwheid ten toon te spreiden. Hieronder volgt een greep uit het fascinerende materiaal dat Pompeï rijk is. In totaal werden er meer dan 10 000 teksten teruggevonden. Al in de Oudheid schreef iemand:

“Het verbaast me, muur, dat je nog niet ingestort bent; jij, die zoveel geleuter van schrijvers moet dragen.”

Verkiezingen: politieke slogans en fake news

Hoewel het Romeinse rijk zeker geen democratie in de moderne zin was, vonden er in de steden jaarlijks lokale verkiezingen plaats. En bij verkiezingen horen campagnes, dat was in de Oudheid niet anders. In Pompeï nam dit de vorm aan van publieke aanbevelingen door derden, omdat het kandidaten verboden was actief campagne te voeren. In grote rode of zwarte letters schreven professionals namens inwoners van de stad dat ze deze of gene kandidaat steunden voor een bepaalde functie, bijvoorbeeld “omdat hij een goede man is” of “omdat hij het ambt waard is”. Deze mensen waren vaak familieleden, buren of cliënten van de kandidaat; maar ook invloedrijke beroepsgroepen of cultusgemeenschappen, zoals de Isis-vereerders, maakten hun voorkeur wereldkundig. De ’toeschouwers bij de spelen’ steunden dan weer een zekere Priscus, die allicht in het verleden spelen liet organiseren of waarvan men hoopte dat hij het zou doen.

Verkiezingspropaganda op de muren van Pompeï

Hoewel kandidaten zelf geen actieve campagne mochten voeren, zien we in sommige gevallen ook verkiezingsbeloftes, overgebracht door hun aanhangers: zo zal Gaius Julius Polybius “goed brood brengen” en Brutius Balbus “de publieke kas redden”. Het campagneteam van Polybius bleek trouwens bijzonder actief: er zijn niet minder dan 58 programmata in zijn naam teruggevonden. Of de kandidaten zich uiteindelijk aan hun beloftes hielden, zullen we nooit weten. Maar niets menselijks was de Pompeianen vreemd, dus vermoedelijk ook niet het breken van verkiezingsbeloftes. De inwoners van de stad hadden trouwens hun eigen idee over wat er met de stadsinkomsten moest gebeuren: “Ik vind dat de gemeentekas verdeeld moet worden, want onze kas heeft groot geld”.

Ook het verspreiden van ‘fake news’, bijzonder actueel, was een gangbare praktijk in de Pompeiaanse verkiezingsstrijd. Dit is althans een mogelijke interpretatie van de verkiezingsaanbevelingen door sociaal minder wenselijke groepen. Wat te denken van de steun van “degenen die tot laat in de nacht doordrinken”, “de dieven” of “de voortvluchtige slaven”? Waarschijnlijk werden deze boodschappen achtergelaten door tegenkandidaten of hun aanhangers. Op de man spelen blijkt dus een universele politieke strategie.

De zoete, maar vooral vleselijke liefde

Fresco uit het huis van Venus & Mars

Nog zo’n universele bekommernis is de liefde. Tweeduizend jaar later kunnen we ons nog perfect herkennen in de gevoelens, verlangens en frustraties van de Pompeianen. De bekendste graffiti uit Pompeï zijn dan ook degene die de liefdesperikelen van haar inwoners verhalen. Sommige van die boodschappen zijn heel eenvoudig, zoals “Rufus houdt van Cornelia Helena” of “Daphnicus was hier met zijn Felicula“. Anderen kalkten heuse poëzie neer, inclusief metrum: “Leve al wie liefheeft! Weg met hem, die het liefhebben niet kent! En wie het liefhebben verbiedt, dubbel weg ermee!” Bijzonder mooi is het relaas van een meisje dat ongeduldig is om haar geliefde te zien. Wie zei er dat Romeinen niet romantisch konden zijn?

“Als jij het vuur van de liefde voelde branden, ezeldrijver, dan zou je je wel harder haasten om Venus te zien. Ik ben verliefd op een charmante jongen. Komaan, spoor de ezels aan, ik smeek je. Je hebt al gedronken, komaan! Grijp de teugels en sla erop. Breng me naar Pompeï, waar de liefde zoet is.”

Pompeï’s muren waren ook getuige van onbeantwoorde liefde: “Wrede Lalagus, die mij niet liefheeft” of “Marcellus houdt van Praenestina, maar het kan haar niets schelen.” Poëtischer uitgedrukt wordt dat “Geliefden zijn als bijen: ze leiden een honingzoet leven. Ik zou het willen!” Een bijzonder teleurgestelde geliefde verklaart “de ribben van Venus te willen breken”, want “als zij mijn tere borst kan doorboren, waarom kan ik dan niet haar hoofd inslaan met een knuppel”.

Fresco met een erotische scène

De liefde kon in Pompeï dan wel zoet zijn, de uitdrukking ervan gebeurde toch vooral in vleselijke termen. Wie in Napels reeds het ‘gabinetto segreto’ bezocht, weet dat de Pompeianen wel van wanten wisten. Literaire meesterwerken als “Amplicatus, Icarus naait je in de kont” (2375) of “Methe zuigt” (4434) zouden niet misstaan op een 21ste-eeuwse wc-deur. Ook de boodschap “Spes, mooi van karakter, 8 as” laat weinig aan de verbeelding over. Overigens kon men in de eerste eeuw voor 8 as nauwelijks meer dan enkele broden kopen, dus ook anderen als “goedkoop” bestempelen is van alle tijden. We vernemen ook dat Iucundus “slecht wipt” en dat Euplia “het deed met tweeduizend mooie mannen”. De gladiator Celadus is niet alleen trots op zijn overwinningen in de arena: hij benadrukt in vijf verschillende graffiti hoezeer “de meisjes om hem zuchten” en dat hij de “meester van de meisjes” is.

Een deel van deze teksten werd in de buurt van het bordeel aangetroffen, maar eigenlijk is de hele stad bedekt met dit soort obsceniteiten. Denk daar maar eens aan bij uw volgende bezoek aan Romeinse ruïnes! Reactie tegen al deze schunnigheid bleef ook in de Oudheid niet uit. Iemand liet de toepasselijke boodschap “Sodom Gomora” achter. In het zogenaamde huis van de moralist lezen we dan weer: “Houd je wellustige expressies en je verleidelijke oogjes weg van andermans vrouw; laat de gepaste zedigheid op je gelaat te vinden zijn!”

Voor sfeer en gezelligheid, een vijf

De Romeinen in Pompeï hadden geen TripAdvisor of Yelp, maar dat weerhield hen er niet van hun mening achter te laten, op een zeer directe manier. Zo liet de schatbewaarder van keizer Nero de boodschap “Vergif!” achter, waarschijnlijk verwijzend naar het geserveerde eten. Ook de Pompeiaanse drank moest het ontgelden: “Reiziger, in Pompeï eet je brood, maar drinken doe je in Nuceria!” Nuceria was een ander stadje in Campania, dat een levendige rivaliteit met Pompeï uitvocht. Zo’n twintig jaar voor de Vesuvius de regio onder de as bedolf, vond er een serieus incident plaats in het amfitheater van Pompeï. Tacitus vertelt ons dat het over en weer scanderen van beledigende leuzen (“typisch voor zulke wanordelijke provinciesteden”) danig uit de hand liep: al snel begon men met stenen te gooien en uiteindelijk werden er zelfs zwaarden getrokken, met vele gewonden en zelfs doden tot gevolg. Ook hooliganisme is dus van alle tijden.

Thermopolium van Asellina, een restaurant waar kant-en-klare maaltijden konden worden gekocht

Ook niet-Nucerianen klaagden wel eens over de kwaliteit van de drank. Zo kraste een bezoeker van een herberg: “Hopelijk komen je leugens je duur te staan, waard. Je verkoopt water en drinkt zelf onversneden wijn!” Andere Pompeiaanse aanbevelingen vinden we vandaag minder snel op TripAdvisor terug, bijvoorbeeld “Vraag in Nuceria bij de Romeinse Poort in het district van Venus (de prostitutiebuurt) naar Novellia Primigenia.” Een bordeelbezoeker treedt hem bij: “Phoebus, parfumhandelaar, heeft hier uitstekend geneukt.” ‘Excusez le mot‘, maar Romeinen waren nu eenmaal niet zo fijnzinnig, noch politiek correct.

Reisadvies voor Pompeï

Hopelijk laat deze kennismaking met de modale Romeinen u, lezer, niet al te gedesillusioneerd achter. Ze blijken in grote mate dezelfde bezorgdheden gedeeld te hebben als wij: de liefde, verkiezingen, een dak boven het hoofd, voedsel en drank. Ze drukten deze wel in iets explicietere termen uit dan we vandaag gewoon zijn. Maar misschien moeten we niet al te streng zijn. Tenslotte, welk beeld zou een toekomstige archeologe of historicus zich vormen van onze maatschappij, louter gebaseerd op graffiti en andere snelle krabbels?

De graffiti uit Pompeï, nu eens humoristisch, soms ontroerend, maar steevast interessant, vormen een ware goudmijn voor historici en linguïsten. Maar ze laten ons ook op onze honger zitten. We vangen slechts een kleine glimp op van het leven van deze mensen. Leefden Rufus en Cornelia nog lang en gelukkig? Vond die arme Marcellus uiteindelijk de liefde? En kreeg de eigenaar van de verdwenen bronzen pot, waar hij een beloning voor uitloofde, zijn bezit ooit terug? We zullen het nooit weten, maar laat dat ons er niet van weerhouden te genieten van deze momentopnames uit het Romeinse leven.

Wie niet genoeg kan krijgen van de graffiti uit Pompeï, kan zeker zijn gading vinden bij Vincent Hunink, ‘Bedolven door de Vesuvius: Pompeï in 1000 graffiti’ of op de website van Pompeiana.

Coverfoto: adaptatie van de foto ‘Ruins of Pompeii with the Vesuvius’ van ElfQrin op Wikimedia (CC BY-SA 4.0)

Het bericht Pompeï, waar de liefde zoet is, maar de lust regeert van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/14/12/2017/pompei-liefde-zoet-is-lust-regeert/feed/ 0 375