landgoed Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/landgoed/ Blog van de onderzoeksgroep Oude Geschiedenis (KU Leuven) Tue, 27 Dec 2022 10:14:01 +0000 nl-NL hourly 1 https://wordpress.org/?v=7.0.4 https://www.oudegeschiedenis.be/wp-content/uploads/2017/09/logo_oudegeschiedenis-e1509732999548.png landgoed Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/landgoed/ 32 32 136391722 Quis est? Artemidoros, de bekendste arts van Ptolemaeïsch Egypte https://www.oudegeschiedenis.be/05/02/2022/quis-est-artemidoros-de-bekendste-arts-van-ptolemaeisch-egypte/ https://www.oudegeschiedenis.be/05/02/2022/quis-est-artemidoros-de-bekendste-arts-van-ptolemaeisch-egypte/#respond Sat, 05 Feb 2022 15:44:11 +0000 https://www.oudegeschiedenis.be/?p=2237

In een nieuwe aflevering van onze reeks 'Quis est?' proberen we ditmaal het leven van Artemidoros te reconstrueren. Deze arts die leefde in Egypte tijdens de 3de eeuw v.C. onder de heerschappij van de Ptolemaeën, kennen we vooral dankzij enkele papyri. Naast zijn medische activiteiten blijkt hij er nog heel wat andere bezigheden op na te houden.

Het bericht Quis est? Artemidoros, de bekendste arts van Ptolemaeïsch Egypte van Lisa Vanoppré verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>

Geef toe, beste lezers, wie van jullie heeft niet al eens geprobeerd om meer te weten te komen over iemand door zijn of haar Facebook-pagina te doorzoeken? Sommigen onder ons hebben zich zelfs ontpopt tot professionele speurders, en kunnen via slechts een naam bijna alles terugvinden over de familie, vrienden, functies, interesses, belangrijke levensgebeurtenissen, en ja, ook gênante momenten van de persoon in kwestie. Geloof het of niet, maar oudhistorici doen net hetzelfde, alleen sporen ze zoveel mogelijk informatie op over mensen uit de Oudheid, natuurlijk niet via sociale media, maar aan de hand van de documenten (papyri en potscherven) die deze mensen zelf duizenden jaren geleden in het zand van Egypte hebben achtergelaten. Eén van hen was Artemidoros, een arts die leefde in Egypte tijdens de 3de eeuw v.C. onder de heerschappij van de Ptolemaeën.

Hij was niet zomaar een dokter, maar trad op als de lijfarts van de toenmalige financiële minister (διοικητής), Apollonios, een functie die vergelijkbaar is met die van de hofarts van de koning. Bijgevolg is het niet verwonderlijk dat deze Artemidoros overgeleverd is in maar liefst 25 documentaire bronnen uit Ptolemaeïsch Egypte, die allemaal deel uitmaken van het befaamde archief van Zenon, de manager van het landgoed van diezelfde Apollonios, en hij daarmee de (ons) bekendste arts van Egypte uit die periode is. Wel opvallend is dat deze documenten, waaronder vele brieven, ons nauwelijks of zelfs niets prijsgeven over zijn professionele, medisch-gerelateerde activiteiten. Sterker nog, indien hij niet geregeld als ‘de arts’ (ὁ ἰατρός) was aangesproken of geïdentificeerd in die brieven, zouden we wellicht niet eens weten dat hij dit beroep uitoefende. Wat geven de bronnen dan wel prijs over deze man? Meer dan u denkt…

“Don’t worry, he’s a doctor!”

We (of althans de fans) horen het Pascal uit F.C. De Kampioenen nog hoopvol vragen aan haar dochter Bieke wanneer ze weer eens thuiskwam met een nieuw lief: “En, is het een dokter?”. De makers van deze komische tv-serie spelen duidelijk in op het herkenbare maatschappelijk aanzien dat artsen genieten, vooral bij de oudere generatie, die maar al te blij waren wanneer zoon- of dochterlief met een arts thuiskwam. Een gelijkaardig beeld krijgen we over dokters in Ptolemaeïsch Egypte, en in het bijzonder over Artemidoros. Deze dokter werd namelijk geregeld door zijn omgeving ingeschakeld om bepaalde taken of sociale rollen op zich te nemen, niet alleen omwille van zijn connectie met de financiële minister, maar ook vanwege de (medische) kwaliteiten die hij als dokter bezat of werd geacht te bezitten.

De meest opmerkelijk bron (P. Cairo Zen. 2 59251, [TM 896]) is geschreven door Artemidoros zelf vanuit Sidon, om Zenon in te lichten dat zowel hij als Apollonios het goed stelden en op de terugweg waren nadat ze prinses Berenike tot aan de Syrische grens geëscorteerd hadden. De Ptolemaeïsche prinses zou huwen met Antiochos II, de Seleucidische koning, ter beëindiging van de Tweede Syrische Oorlog (260-253 v.C.). Haar vader, Ptolemaios II, had zijn dochter vanuit de hoofdstad Alexandrië tot aan de grensstad Pelusium begeleid in het gezelschap van hoge ambtenaren, waaronder Apollonios en Artemidoros, aan wie hij haar toevertrouwde voor het tweede deel van de reis doorheen Phoenicia tot aan de Syrische grens. Dat Artemidoros dit gezelschap mocht vervoegen, zal hij vooral te danken hebben aan zijn medische kwaliteiten en zijn connectie met Apollonios, maar dat de koning toestond en/of verkoos om zijn dochter aan deze man toe te vertrouwen, geeft aan dat Artemidoros niet alleen een goede dokter, maar ook een betrouwbaar man was in de ogen van de vorst.

De reis van prinses Berenike in het gezelschap van onder andere Artemidoros, van Alexandrië naar Sidon via Pelusium

Deze kwaliteiten, samen met zijn invloedrijke positie, werden eveneens geapprecieerd door de andere (Griekse) inwoners van Ptolemaeïsch Egypte, die op Artemidoros beroep deden als tussen-/vertrouwenspersoon, zelfs naar de koning toe. Een zekere Hierokles nam zijn toevlucht tot de arts in de hoop dat hij de vorst kon overtuigen om zijn kandidaat, Ptolemaios, aan te stellen als het hoofd van het nieuwe palaestra – het equivalent van een fitnesscentrum – in Alexandrië voor de zonen van de hoge ambtenaren nadat hieromtrent (hof)intriges waren ontstaan (P. L. Bat. 20 51, [TM 1882]).

Op dezelfde manier vroegen kennissen bij moeilijke kwesties zijn mening of goedkeuring over brieven gericht aan de financiële minister (P. Cairo Zen. 1 59044, [TM 704]), zijn overste. Die deed op zijn beurt ook beroep op Artemidoros om als een echte secretaris in zijn naam te corresponderen met en instructies te geven aan andere werknemers, bijvoorbeeld aan Panakestor, de eerste manager van Apollonios’ landgoed, over de cultivatie van gewassen (P. Cairo Zen. 5 59816, [TM 1440]). De betrouwbaarheid, invloed en autoriteit die Artemidoros als lijfarts van Apollonios uitstraalde, brachten hem dus verder dan zijn dokterskabinet, en bijgevolg vormt hij een mooi voorbeeld van de groeiende rol van artsen in het politieke en sociale leven tijdens de Hellenistische periode (332-31 v.C.).

Een riante villa tussen de varkens

De bevoorrechte positie die dokter Artemidoros in de Ptolemaeïsche maatschappij bekleedde en de dankbaarheid die de koning jegens hem koesterde, vertaalden zich in de schenking van een landgoed in Philadelpheia, dat, zoals bij Apollonios, beheerd werd door Zenon. Deze manager correspondeerde geregeld met ondergeschikten of de arts zelf over het cultiveren van gewassen op dit landgoed (bv. P. Cairo Zen. 3 59354, [TM 997]) en het Zenonarchief bevat zelfs een lijst met een opsomming van de gewassen die hier geoogst waren tijdens de warme zomermaanden (P. Ryl. Gr. 4 571, [TM 2427]):

Παχὼνς παρὰ Ἀρτεμιδώρου
ἰατροῦ
ιθ μήκωνος μελαί(νης) ια < δ´
κ Μηδικοῦ πυ(ροῦ) ιϛ <

Παῦνι ζ ὀλύρ(ας) ρα
ιζ σησάμου κα
κγ σησάμ(ου) λγ

(γίνονται) πυρ(οῦ) ιϛ <
ὀλύρ(ας) ρα
σησάμου νδ
μήκωνος \μελαί(νης)/ ια < δ´ v

τῶν Ἀρτεμιδώρου
γενημάτων.

Pachon, van Artemidoros
de arts:
19de, van zwarte maanzaad 113⁄4 artaben;
20ste, van Medische tarwe 161⁄2.

Pauni 7de, van olyra 101;
17de, van sesam 21.
23ste, van sesam 33

Totaal: 161⁄2 artaben van tarwe,
101 van olyra,
54 van sesam, 113⁄4 van zwarte maanzaad

Van de gewassen van Artemidoros.

Naast akkerland bezat Artemidoros ook een huis in Philadelpheia, waar hij vertoefde indien hij Apollonios niet als lijfarts vergezelde op één van zijn reizen doorheen Egypte. Een Demotische rekening vertelt ons dat er voor de bouw van dit huis (minstens) 10 000 bakstenen gebruikt zijn (P. Zen. Dem. 22, [TM 2318]). Nu hoor ik u denken: “Jammer dat we geen afbeelding hebben van dit huis”. Maar … niet getreurd! En daar mag je varkenshoeder Herakleides voor bedanken. Toen hij zich namelijk richtte tot Zenon met het voorstel om de varkens te beschermen tegen de komende Nijloverstroming door een palissade te bouwen, voegde hij hier een gedetailleerde schets aan toe van de locatie waar deze omheining moest komen (P. Mich. Zen. 84, [TM 1983]):

C.C. Edgar, Zenon papyri in the University of Michigan collection. Ann Arbor: University of Michigan press, 1931

Schets van de omheining langs het huis van Artemidoros, afkomstig uit een brief van varkenshoeder Herakleides

Een constructie van puntige palen (χάραξ) moest zich langs het Grote Kanaal in Philadelpheia uitstrekken “van de bezittingen van Artemidoros tot aan de omheiningsmuur van Poremanres” (ἀπὸ τῶν Ἀρτεμιδώρου ἕως τοῦ Πορεμανρῆτος τρυφάκτου). Als u goed kijkt links bovenaan, ziet u dat die bezittingen zijn verduidelijkt als Ἀρτεμιδώρου οἴκησις, “huis van Artemidoros”. Dankzij de overige bewaarde papyri weten we dat met deze persoon onze arts wordt bedoeld, en dit huis bijgevolg aan hem kan toegeschreven worden. Deze bron geeft weliswaar geen echte afbeelding van zijn huis, maar wel een unieke visuele voorstelling van de omgeving en plaats waar het gebouwd was, vergelijkbaar met de hedendaagse kaarten op Google Maps. Gelegen langs de oostelijke zijde van het Grote kanaal, bevond het huis van Artemidoros zich tussen belangrijke gebouwen zoals de tempels van Hermes en Poremanres. We kunnen ons bijgevolg goed voorstellen dat deze dokter tijdens zijn vrije tijd in Philadelpheia zijn intrek kon nemen in een vermaard pand, met zicht op het water, met goden als buren en … omgeven door varkens.

Van prestigieuze lijfarts tot dierenkweker

Het laatste, en wellicht meest opmerkelijke, aspect dat de papyri over Artemidoros prijsgeven, is dat hij een fervent kweker was van verschillende diersoorten. Dit verklaart waarom deze arts zich vrijwillig liet omringen door (een groot aantal) varkens, toevertrouwd aan de zorg van een zwijnenhoeder, die er echter niet voor terugschrok om enkele dieren te stelen (P. Cairo Zen. 3 59310, [TM 954]). Maar Artemidoros had niet enkel een voorliefde voor knorrende varkens. Op de terugweg van zijn reis met prinses Berenike, richtte hij niet enkel een brief aan Zenon om zijn gezondheidstoestand mee te delen, maar gaf hij hem eveneens de instructie om goed zorg te dragen voor zijn runderen, ganzen, varkens, en ander vee.

En alsof dit allemaal nog niet genoeg was, kweekte en verkocht deze dokter ook paarden. In een brief die Artemidoros richtte aan Zenon (P. Cairo Zen. 2 59225, [TM 870]), vroeg hij hem zijn connecties te gebruiken om het zwarte paard van de zonen van een zekere Leptines te bemachtigen door het te kopen voor een klein bedrag of te lenen voor het broedseizoen. De arts had namelijk vernomen dat dit paard enkel nog nuttig was om te kweken door zwellingen aan zijn benen, en aangezien zijn eigen hengst oud en zwak was, leek dit dier een ideale en goedkope vervanging. Of Artemidoros deze dieren kweekte als hobby of om geld (bij) te verdienen, kunnen we moeilijk afleiden uit de bewaarde bronnen. Het staat alleszins vast dat dit een belangrijke bezigheid voor hem was naast zijn functie als (lijf)arts.

Photographic Archive of Papyri in the Cairo Museum

De papyrus P. Cairo Zen. 2 59225 bevat meer informatie over de bezigheden van Artemidoros als paardenkweker

Conclusie

De casus van dokter Artemidoros is geen alleenstaand geval, maar wel een mooi voorbeeld van hoe oudhistorici via speurwerk meer te weten kunnen komen over de ‘gewone’ inwoners van Ptolemaeïsch Egypte dan de meeste mensen denken. Ze vertrekken vanuit de alom bekende Paul Jambers-vragen: “Wie zijn ze?”, “Wat doen ze?”, “Wat drijft hen?”. Natuurlijk kunnen de ‘antieke’ mensen die vragen niet zelf beantwoorden, maar dankzij duizenden overgeleverde brieven, rekeningen, petities, … komen deze mensen wel onrechtstreeks aan het woord. En dit stelt oudhistorici in staat om toch een zo goed mogelijk beeld te geven van wie deze mensen waren en wat ze in het dagelijkse leven deden. Dankzij zijn eigen woorden, maar ook die van zijn kennissen, kunnen we Artemidoros portretteren als een man met vele gezichten: van een betrouwbare en invloedrijke (lijf)arts tot een serieuze zakenman-dierenkweker. We hadden graag nog meer te weten gekomen over deze boeiende man, en dit is misschien nog mogelijk in de toekomst bij de ontdekking van nieuwe papyri, maar wat we alvast met zekerheid kunnen aannemen/zeggen, is dat Pascal hem een goede partij zou hebben gevonden voor haar dochter.

Verder lezen

W. Clarysse en K. Vandorpe, Zenon, een Grieks manager in de schaduw van de piramiden, Leuven, 1990.

C.C. Edgar, Zenon papyri in the University of Michigan collection. Ann Arbor: University of Michigan press, 1931.

H. Hauben, Escorting a princess on her way to Syria (253/252 BC),in “Chronique d’ Égypte” 94 (188), 2019, 380-396.

L. Vanoppré, Ptolemeïsch Egypte: Smeltkroes van Egyptische en Griekse artsen en ziek(t)en?, Leuven, 2019.

Coverfoto: Adaptatie van de foto ‘Kom Ombo Temple Surgical instruments’ van Ad Meskens op Wikimedia (CC BY-SA 3.0)

Het bericht Quis est? Artemidoros, de bekendste arts van Ptolemaeïsch Egypte van Lisa Vanoppré verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/05/02/2022/quis-est-artemidoros-de-bekendste-arts-van-ptolemaeisch-egypte/feed/ 0 2237
In het spoor van Herodotus: toerisme in Grieks-Romeins Egypte https://www.oudegeschiedenis.be/21/02/2020/in-het-spoor-van-herodotus-toerisme-in-grieks-romeins-egypte/ https://www.oudegeschiedenis.be/21/02/2020/in-het-spoor-van-herodotus-toerisme-in-grieks-romeins-egypte/#respond Fri, 21 Feb 2020 16:37:58 +0000 https://www.oudegeschiedenis.be/?p=1434

Het toerisme in Egypte beleefde vooral hoogdagen na de verovering door Alexander de Grote. Later maakte de uitbreiding van het Romeinse Rijk reizen nog eenvoudiger. Toerisme in Grieks-Romeins Egypte omvatte zowel "binnenlandse" als "buitenlandse" reizen. In dit artikel gaan we in het spoor van Herodotus op zoek naar de typische plaatsen die werden aangedaan door keizers, soldaten, ambassadeurs of andere beambten.

Het bericht In het spoor van Herodotus: toerisme in Grieks-Romeins Egypte van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>

Met de geplande opening van het Grand Egyptian Museum in het vooruitzicht prijkt Egypte bovenaan menig lijstje met “top # plaatsen om te bezoeken in 2020”. De toeristische sector is erg belangrijk voor het land, en na enkele moeilijke jaren neemt het aantal bezoekers weer gestaag toe. Het rijke Egyptische verleden spreekt al veel langer tot de verbeelding van reizigers. Deze fascinatie gaat al terug tot in de Oudheid. Het toerisme beleefde vooral hoogdagen na de verovering van Egypte door Alexander de Grote. Later maakte de uitbreiding van het Romeinse Rijk reizen nog eenvoudiger. Toerisme in Grieks-Romeins Egypte omvatte zowel “binnenlandse” als “buitenlandse” reizen. Verplaatsingen van de eerste soort behelsden vaak een bezoek aan een tempel in het kader van een pelgrimage. Uitheemse bezoekers waren doorgaans soldaten, ambassadeurs, of beambten die in staatsdienst in het land waren. Ook Romeinse keizers bezochten de provincie Aegyptus. De grootste keizerlijke toerist was zonder twijfel Hadrianus, die meer dan de helft van zijn regeerperiode onderweg was. Anderen reisden uit interesse: volgens Tacitus bezocht Germanicus Egypte “om de antiquiteiten te zien” (“cognoscendae antiquitatis“).

Naar aanleiding van zijn bezoek liet Hadrianus deze munt met verpersoonlijking van Egypte slaan. De figuur houdt een Egyptisch sistrum vast, en links ontwaren we een ibis, het heilige dier van Thoth.

Toerisme in Egypte: een lange geschiedenis

De eerste toeristengraffiti in Egypte, achtergelaten in SaqqaraNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

De eerste toeristengraffiti in Egypte, achtergelaten in Saqqara

Ook voor Egypte deel werd van de Grieks-Romeinse wereld werd er natuurlijk druk gereisd. Vanaf het Oude Rijk vinden we inscripties van passanten in de regio van het eerste cataract (het huidige Sehel-eiland). De eerste graffiti achtergelaten door ‘toeristen’ dateren uit de 18de en de 19de Dynastie: de kapellen rond de trappenpiramide van Djoser in Saqqara zijn bezaaid met inscripties van schrijvers die hun bewondering voor de site uitdrukken.

Vanaf de Late Tijd (664-332 v.C.) vonden meer en meer Grieken hun weg naar Egypte. Al in 591 v.C. kerfden Griekse huurlingen een boodschap in het linkerbeen van een beeld van Ramses II in Abu Simbel. Andere toeristen kwamen met vredelievendere bedoelingen: enkele illustere voorbeelden zijn de Atheense staatsman Solon, de wiskundigen Thales en Pythagoras en de filosoof Plato. De bekendste toerist was de historicus Herodotus, die zeer onder de indruk was: “Nergens zijn er zoveel wonderlijke zaken, noch zijn er ergens ter wereld zoveel werken van onbeschrijfelijke grootheid te zien.” Latere Grieks-Romeinse toeristen bekeken Egypte door de lens van deze voorgangers: ze hadden respect voor de oude Egyptische cultuur, maar tegelijk bleef het land ook exotisch en ‘barbaars’. Sommige graffiti van bezoekers gebruiken zo het woord “historeo“, “ik onderzoek”, een rechtstreekse verwijzing naar het werk van Herodotus.

Graffiti achtergelaten door Griekse huurlingen in 591 v.C.Nico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

Graffiti achtergelaten door Griekse huurlingen in 591 v.C.

De tempel van Abu SimbelNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

De tempel van Abu Simbel

Bruisend Alexandrië

Halve drachme van de Romeinse keizer Antoninus Pius met de pharos en tetradrachme van de keizer Commodus met de pharos en een zeilschip

In de Grieks-Romeinse periode bereikten de meeste reizigers Egypte per boot, via de kosmopolitische havenstad Alexandrië. Bij het naderen van de kust werden ze begroet door een van de spectaculairste bouwwerken uit de oudheid: de pharos, een vuurtoren die meer dan 100 meter boven de zee oprees. De stad was niet alleen een belangrijk commercieel centrum, maar ook de intellectuele hoofdstad van het Middellandse Zeegebied. Bezoekers konden zich er vergapen aan spectaculaire sites die vandaag verdwenen zijn onder de moderne bebouwing. In het rijkversierde Mouseion en de bibliotheek kon men de grote geleerden van die tijd aan het werk zien. Het grote Serapeum, een van de beroemdste heidense tempels uit de Oudheid, was een andere populaire bezienswaardigheid. Gedistingeerde gasten werden ontvangen op het spectaculaire koninklijke paleis.

Alexandrië kende ook Egyptische elementen, zoals de “Cleopatra’s Needles” nu in Londen en New York

Het mausoleum van Alexander de Grote in de stad ontwikkelde zich tot een waar bedevaartsoord. In 48 v.C. kwam Julius Caesar het lichaam eer bewijzen, en hij werd daarin nagevolgd door talrijke latere keizers. Ook zijn adoptiefzoon Augustus bezocht het graf, en zou volgens kwatongen (Cassius Dio) een stukje van de neus van Alexander afgebroken hebben. Gevraagd of hij daarnaast de tombes van de Ptolemaeën wilde bezoeken, zou hij geantwoord hebben dat hij “een koning wilde zien, niet gewoon wat lijken”. De Hellenistische koningen zelf toonden zich ook niet altijd even respectvol tegenover de doden: aanvankelijk lag Alexander in een gouden sarcofaag, maar die werd door Ptolemaios X omgesmolten en vervangen door een glazen exemplaar.

De Grand Tour van het faraonische verleden

Veel reizigers trokken van Alexandrië naar het zuiden om met eigen ogen de monumenten uit de faraonische tijd te bekijken. De eerste attractie die men tegenkwam was Heliopolis. De lokale priesters genoten de reputatie bijzonder geleerd te zijn, en de stad trok dan ook veel filosofen aan. Vandaag blijft er van Heliopolis niet veel over: de monumenten zijn gebruikt als steengroeve voor de aanleg van Caïro. Hetzelfde lot viel de oorspronkelijke hoofdstad Memphis te beurt, een andere populaire stopplaats. Van de beroemde Ptah-tempel en het paleis van Apries zijn slechts schamele ruïnes overgebleven.

Tot de weinige overblijfselen die vandaag nog in Memphis zelf te bezichtigen vallen, behoort dit kolossale beeld van farao Ramses II

Andere trekpleisters in de buurt hebben de tand des tijds beter doorstaan. Een van de hoogtepunten van elke reis naar Egypte, toen zowel als nu, zijn de piramides van Gizeh. De antieke auteurs maakten daarbij dezelfde bedenkingen als menig moderne toerist; terwijl Diodorus zich verwondert over hun grootte en vakmanschap, veroordeelt Herodotus het morele karakter van mannen die zoveel middelen aanwendden ter meerdere eer en glorie van zichzelf. Over Cheops beweert hij dat hij zelfs zijn eigen dochter prostitueerde om fondsen te werven. In de Romeinse periode werd ook de sfinx, die tot de regering van keizer Nero onder het zand begraven lag, drukbezocht. Ingekerfde gedichten vergelijken de vredige Egyptische sfinx met diens wrede Griekse tegenhanger uit het verhaal van Oedipus.

Vandaag ligt de Sfinx er heel wat minder vredig bijNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

Vandaag ligt de Sfinx er heel wat minder vredig bij

Alvorens te arriveren in de religieuze hoofdstad Thebe, deden sommige bezoekers Hermopolis aan. Ter hoogte van deze stad verdronk de onfortuinlijke Antinoüs, de minnaar van keizer Hadrianus, tijdens een boottocht op de Nijl. Anderen stopten bij de dodentempel van Seti I in Abydos, bij de Grieken bekend als het Memnoneion.  In de Romeinse periode trok de plaats veel pelgrims aan; de tempel huisvestte toen een gerenommeerd orakel van de god Bes.

De tempel van Seti I in Abydos

De grootste concentratie aan faraonische monumenten vond men toen ook al terug in Thebe, het moderne Luxor. Al in de Romeinse periode leefde het – enigszins overdreven – beeld van het honderd-poortige Thebe als één groot openluchtmuseum. Net als vandaag stroomden er vele bezoekers samen aan de tempels van Karnak en Luxor, maar de populairste trekpleisters bevonden zich op de westoever van de Nijl. De absolute topattractie waren twee standbeelden van farao Amenhotep III, de zogenaamde ‘Kolossen van Memnon’. Griekse en Romeinse bezoekers dachten dat de sculpturen de Ethiopische held Memnon uit de Trojaanse Oorlog afbeeldden. Als gevolg van een aardbeving produceerde een van de beelden geluid bij het opkomen van de zon. Dit werd geïnterpreteerd als het zingen van Memnon naar zijn moeder Eos, de godin van de dageraad. De beelden zijn bezaaid met graffiti, waaronder een gedicht van de dichteres Julia Balbilla, die keizer Hadrianus vergezelde. Sinds de 3de eeuw n.C. is het beeld opgehouden met zingen, maar de sculpturen staan er nog steeds. Sterker nog, bij recente opgravingen werden fragmenten van meer beelden teruggevonden!

De Kolossen van Memnon vandaagNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

De Kolossen van Memnon vandaag

De moderne trekpleister Vallei der Koningen kreeg in de Oudheid eveneens veel bezoekers over de vloer. Grieken en Romeinen lieten meer dan 2000 graffiti achter in de tombes van de farao’s. Sommige bezoekers kennen we uit andere bronnen: papyrologen zijn bijvoorbeeld bijzonder enthousiast over de graffiti van Dryton, wiens levensloop goed gekend is via zijn papyrusarchief. Het is onduidelijk of de Grieks-Romeinse bezoekers begrepen wat ze zagen. De graffiti drukken in de eerste plaats bewondering uit. De populairste attractie was het graf van Ramses VI, waar we graffiti aantreffen van bezoekers uit het hele Middellandse Zeegebied. Uit sommige van deze inscripties blijkt dat de reizigers in kwestie dachten dat het de tombe van Memnon was, aan wie ook de Kolossen werden gelinkt. Deze obsessie voor de Homerische held Memnon (zie ook het ‘Memnoneion’ van Abydos) roept de vraag op in hoeverre de Grieks-Romeinse bezoekers echt in het faraonische verleden geïnteresseerd waren, dan wel vooral op zoek gingen naar echo’s van hun eigen tradities.

De weinig subtiele graffito van papyrologische poster boy Dryton in het graf van Ramses V/VINico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

De weinig subtiele graffito van papyrologische poster boy Dryton in het graf van Ramses V/VI

Echte fanatiekelingen zoals Strabo reisden na Thebe nog verder door naar het zuiden, naar het eiland Elephantine. Naast de grote Khnum-tempel oefende vooral de eerste cataract een grote aantrekkingskracht uit. Volgens Herodotus was dit de bron van de Nijl. Seneca en Strabo beschrijven het spektakel dat werd opgevoerd door de onverschrokken veermannen, die zich met boot en al in de stroomversnelling storten. De redenaar Aelius Aristides beweert er zelfs aan deelgenomen te hebben. Vandaag is het “oorverdovende gebrul” van de cataract evenwel het zwijgen opgelegd door de bouw van de nabijgelegen dam. Ook de Isis-tempel op het eiland Philae verwelkomde talrijke pelgrims en toeristen, die vele graffiti achterlieten.

Vandaag is de Nijl bij Elephantine heel wat makkelijker bevaarbaarNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

Vandaag is de Nijl bij Elephantine heel wat makkelijker bevaarbaar

Off the beaten track: krokodillen voederen in de Fayoem

Het Qarun-meer waarnaar de regio Fayoem genoemd is, via het Koptische phiom of “het meer”

Sommige reizigers bezochten naast de faraonische overblijfselen ook een meer recent ontwikkeld gebied: de Fayoem. Het droogleggen en in cultivatie brengen van grote delen van deze regio was een van de belangrijkste verwezenlijkingen van de Ptolemaeïsche dynastie, die deze krachttoer ook graag etaleerde aan buitenlandse ambassadeurs. De papyri uit de Fayoem tonen dat zulke bezoeken nauwkeurig georkestreerd werden. Vooral Zenon, de manager van een groot landgoed, krijgt duidelijke instructies: hij moet de nederzettingen en de tempels voor de koning tonen, net als de wegen en de dijken, en bovenal benadrukken hoe nieuw alles is. In een andere brief wordt hem opgedragen om zo snel mogelijk strijdwagens en pakdieren in orde te maken voor ambassadeurs van Paerisades II, koning van Cimmerisch Bosporus, en uit Argos. Zenon wordt aangemaand om zich te haasten: op het moment dat de brief geschreven werd, was het schip net uitgevaren! Op het programma stond meestal ook een bezoek aan enkele faraonische overblijfselen, vooral het zogenaamde ‘Labyrint van Hawara’, het complex rond de dodentempel van Amenemhat III. Volgens Herodotus overtrof deze constructie zelfs de piramides.

De krokodillengod Sobek op de muur van de tempel van Kom OmboNico Dogaer | OUDE GESCHIEDENIS

De krokodillengod Sobek op de muur van de tempel van Kom Ombo

Ook toeristen die op zoek waren naar een bijzondere ervaring kwamen in de Fayoem aan hun trekken. In Krokodilopolis werd de god Sobek vereerd in de vorm van een heilige krokodil. De lokale priesters voederden het dier met brood, vlees en wijn meegebracht door bezoekers. Strabo’s beschrijving doet haast denken aan een malafide dolfinarium: nauwelijks heeft de krokodil het voedsel naar binnen gewerkt, of er staat al een nieuwe bezoeker klaar; de priesters snellen ernaartoe, vangen het dier, en stoppen hem opnieuw offers toe. Een brief bewaard op papyrus bevestigt dat deze praktijk een vast deel uitmaakte van de tour voor buitenlandse bezoekers: een beambte wordt opgedragen alles in gereedheid te brengen voor het bezoek van een Romeinse senator, inclusief “de gebruikelijke hapjes voor de krokodillen”. Een andere Romeinse ambassadeur kwam op een minder aangename manier in aanraking met de Egyptische dierenculten. Diodorus verhaalt hoe hij met eigen ogen aanschouwde hoe een menigte de doodstraf eiste voor een Romein die per ongeluk een kat had gedood. Ook toen loonde het dus om reisadvies in te winnen over de lokale gewoonten!

Lees meer

Casson, L., Travel in the Ancient World, Baltimore, 1994.

Meeus, A., ‘Life Portraits: Royals and People in a Globalizing World’, in K. Vandorpe (ed.), A Companion to Greco-Roman and Late Antique Egypt, Medford, 2019, 89-99.

Rosenmeyer, P. A., The Language of Ruins: Greek and Latin Inscriptions on the Memnon Colossus (2018).

Rutherford, I. C., ‘Travel and Pilgrimage’, in C. Riggs (ed.), The Oxford Handbook of Roman Egypt, Oxford, 2012, 701-716.

Van ‘t Dack, E., Reizen, expedities en emigratie uit Italië naar Ptolemaeïsch Egypte, Brussel, 1980.

Coverfoto: adaptatie van afbeelding ‘Le Sphynx apres les déblaiements et les deux grandes pyramides / Bonfils’ op Wikimedia (Public Domain) & ‘buste beroemde Griekse Herodotus’ op Pixabay

Het bericht In het spoor van Herodotus: toerisme in Grieks-Romeins Egypte van Nico Dogaer verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/21/02/2020/in-het-spoor-van-herodotus-toerisme-in-grieks-romeins-egypte/feed/ 0 1434