Donald Trump Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/donald-trump/ Blog van de onderzoeksgroep Oude Geschiedenis (KU Leuven) Wed, 09 Feb 2022 21:07:40 +0000 nl-NL hourly 1 https://wordpress.org/?v=7.0 https://www.oudegeschiedenis.be/wp-content/uploads/2017/09/logo_oudegeschiedenis-e1509732999548.png Donald Trump Archieven - OUDE GESCHIEDENIS https://www.oudegeschiedenis.be/tag/donald-trump/ 32 32 136391722 Quis est? Avidius Cassius, slachtoffer van fake news https://www.oudegeschiedenis.be/23/10/2021/quis-est-avidius-cassius-slachtoffer-van-fake-news/ https://www.oudegeschiedenis.be/23/10/2021/quis-est-avidius-cassius-slachtoffer-van-fake-news/#respond Sat, 23 Oct 2021 15:42:30 +0000 https://www.oudegeschiedenis.be/?p=2056

Avidius Cassius, een Romeinse generaal die met zijn leger in opstand kwam tegen keizer Marcus Aurelius 175 n.C., was mogelijk een slachtoffer van 'fake news' in de Oudheid. Speelde ook keizerin Faustina een rol in deze revolte? Lees het in onze 'fact check' over deze Avidius Cassius.

Het bericht Quis est? Avidius Cassius, slachtoffer van fake news van Bram Fauconnier verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>

Sinds de verkiezing van Donald Trump tot Amerikaans president in 2016 zijn de thema’s fake news en desinformatie niet meer weg te denken in de media. De coronacrisis heeft de discussie nog verder scherp gesteld. Misleidende informatie, vervalste nieuwsberichten en samenzweringstheorieën tieren welig op sociale media en lijken in staat om hele samenlevingen te ontwrichten. De schaal waarop fake news vandaag verspreid wordt, is uiteraard zonder precedent, maar toch konden valse berichten ook in premoderne samenlevingen grote gevolgen hebben. Deze blogpost gaat over een opmerkelijk voorbeeld uit het Romeinse Rijk van de 2de eeuw n.C.: de opstand van de Romeinse bevelhebber Avidius Cassius tegen keizer Marcus Aurelius.

Avidius Cassius

Buste van de Romeinse keizer Marcus Aurelius

Avidius Cassius was een van de voornaamste legeraanvoerders van keizer Marcus Aurelius, die regeerde van 161 tot 180 n.C. Cassius’ familie was afkomstig uit Syrië en zou zelfs afstammen van het Seleucidische vorstenhuis uit de Hellenistische periode. De familie is een mooi voorbeeld van de romanisering van provinciale elites en hun integratie in het rijksbestuur. Zijn vader, Avidius Heliodorus, had al hoge functies vervuld onder Hadrianus en Antoninus Pius, de voorgangers van Marcus Aurelius. Avidius Cassius scheerde nog hogere toppen. Als generaal boekte hij grote militaire successen in de oorlog tegen de Parthen en in 166 n.C. bekleedde hij het consulaat, het hoogste politieke ambt in Rome. Enkele jaren later werd hem een uitzonderlijk oppercommando over het hele oostelijke gedeelte van het rijk toegekend. Onder zijn leiding werd een potentieel gevaarlijke opstand van de lokale bevolking in Nijldelta neergeslagen. Marcus Aurelius moet een groot vertrouwen hebben gehad in deze capabele generaal.

Campagne

Buste van Tiberius Claudius Pompeianus, schoonzoon van Marcus Aurelius

In 175 n.C. voerde Marcus Aurelius campagne aan de Donau tegen de Marcomannen en de Jazygen, confederaties van “barbaarse” stammen die de Romeinse grenzen bedreigden. In het voorjaar werd hij echter zwaar ziek. Wat er vervolgens gebeurde, is niet helemaal duidelijk. De historicus Cassius Dio, die zo’n 40 jaar na de feiten schreef, beweerde dat keizerin Faustina radeloos werd door de ziekte van haar man. Uit schrik om opzij geschoven te worden door politieke rivalen – men denkt hierbij vooral aan de machtige schoonzoon van de keizer, Claudius Pompeianus – zou zij Avidius Cassius een brief geschreven hebben met de vraag om na de dood van de keizer met haar te trouwen en de troon te bestijgen. Een andere bron uit de late vierde eeuw, de zogenaamde ‘Historia Augusta’, probeert dat te weerleggen door een brief van Faustina aan Marcus Aurelius te citeren, waarin zij een zware straf voor de opstandige generaal eist. Die brief is echter geheel fictief en pleit Faustina dus niet vrij. Heeft Faustina dan toch een rol gespeeld in de opstand? We zullen het nooit zeker weten.

Opstand

Ook over het daadwerkelijke begin van de opstand heerst er onzekerheid. Volgens Dio kreeg Avidius Cassius kort na de brief van Faustina het valse bericht dat de keizer overleden was “en hij eiste onmiddellijk de troon op, zonder na te gaan of het bericht juist was”. In hedendaagse termen: Cassius zou het hebben nagelaten een degelijke fact check uit te voeren. Volgens de ‘Historia Augusta’ zou Cassius echter zélf het valse gerucht verspreid hebben, om zo de steun van de troepen te krijgen. Hoe het ook zij, Cassius kwam in opstand en bijna alle oostelijke provincies, inclusief de zeven legioenen die er gelegerd waren, schaarden zich achter hem. Snel werd het duidelijk dat de keizer nog leefde, maar er was nu geen weg meer terug. Herodes Atticus, een miljonair uit Athene die goede banden had met het keizerlijke hof en met Avidius Cassius, zou de opstandige generaal een brief hebben gestuurd die slechts uit één woord bestond: “emanes”, “je bent gestoord!”

Buste van keizerin Faustina (Minor)

In het legerkamp van Marcus Aurelius aan de Donau sloeg het nieuws van de opstand in als een bom. Volgens Dio was de intussen herstelde keizer diepbedroefd dat zijn vriend zich tegen hem had gekeerd. Hij staakte zijn campagnes tegen de Jazygen en trok op naar het oosten om de opstand neer te slaan. Het kwam echter niet tot een veldslag. Avidius Cassius werd, amper drie maanden na het begin van de opstand, door twee van zijn officieren om het leven gebracht. Marcus Aurelius trok vervolgens door de oostelijke provincies om zijn gezag te herstellen. De keizer toonde zich vergevingsgezind: zware represailles bleven uit en de correspondentie van Avidius Cassius werd verbrand om duidelijk te maken dat het hoofdstuk afgesloten was. Faustina stierf enkele maanden later en werd door haar man met alle égards begraven. Volgens Dio stierf ze aan jicht of pleegde ze zelfmoord om straf voor haar betrokkenheid in de opstand te vermijden. Net als haar brief aan Cassius is dat laatste mogelijk een verzinsel.

Mysteries?

Er blijven nog veel vraagtekens. Herodes Atticus lijkt een punt te hebben gehad toen hij Avidius Cassius gestoord noemde, want hij maakte met zijn opstand amper kans om Rome in te nemen en keizer te worden. De westelijke legioenen waren veel talrijker en ze zouden ook nooit de kant van Cassius hebben gekozen als de keizer daadwerkelijk gestorven zou zijn. Het commando zou in dat geval zijn overgenomen door Claudius Pompeianus, de rechterhand en schoonzoon van de keizer. Wat bezielde Avidius Cassius dan? Klopt het beeld van Dio dat de opstand in feite een ‘ongeluk’ was, ingegeven door misleidende informatie van Faustina en fake news over de dood van de keizer? Voorzichtigheid is geboden, want Dio was een bewonderaar van Marcus Aurelius en hij stelde zijn regeerperiode voor als stabiel en harmonieus. Het paste dus in zijn narratief om de opstand af te schilderen als een ongelukkige samenloop van omstandigheden.

Recent onderzoek geeft een andere verklaring voor de opstand. Cassius zou nooit hebben geprobeerd om de nieuwe keizer van het hele Romeinse Rijk te worden, maar eerder een soort separatistische koers hebben gevaren. Met zijn opstand zou hij zijn uitzonderlijke machtspositie in het oosten een permanent karakter hebben willen geven door zich uit te roepen tot een soort keizer van het Oosten. Het lijkt er bovendien op dat er voorheen al veel ontevredenheid was in de oostelijke provincies tegenover het beleid van Marcus Aurelius. Zijn oorlogen aan de Donau werden immers gefinancierd met zware belastingen, waarvan de rijke oostelijke provincies een groot deel moesten ophoesten. Dat zou mede verklaren waarom Cassius op korte tijd zowat het hele Oosten aan zijn kant kreeg. De opstand van Cassius zou op die manier een voorloper zijn geweest van de opstanden in de 3de eeuw n.C., toen onder meer de stadstaat Palmyra zich met een groot deel van de oostelijke provincies afscheurde. Het valse bericht over de dood van Marcus Aurelius zou in dat scenario slechts een aanleiding zijn geweest voor de opstand, geen oorzaak. Dat scenario pleit bovendien Faustina vrij, want zij had niets te winnen bij een separatistische revolte.

Kaart van de Opstand van Avidius Cassius in 175 n.C.

Conclusie

Het verhaal van de opstand van Cassius illustreert een belangrijk verschil tussen heden en verleden. Vandaag vormt de snelheid waarmee vals nieuws verspreid wordt een probleem, en fact checking wordt bemoeilijkt door de enorme hoeveelheid informatie. In de Oudheid lag het probleem net bij de trage communicatie. Het duurde weken om een bericht van de ene naar de andere kant van het rijk te brengen. Een snelle fact check was daardoor onmogelijk. Eenmaal geruchten over de dood van de keizer de ronde deden, moest Avidius Cassius snel handelen om zijn politieke rivalen aan het hof voor te zijn en zijn positie in het Oosten te handhaven. Cassius gokte verkeerd en kwam noodlottig aan zijn einde. We kunnen ons alleen maar afvragen wat er gebeurd zou zijn als Marcus Aurelius daadwerkelijk gestorven was…

Meer lezen?

Cassius Dio, Romeinse geschiedenis, 72. 22-29. (samengevat in de 11de eeuw door de Byzantijnse geleerde Johannes Xiphilinus)

Historia Augusta, Avidius Cassius

Philostratus, Levens van de sofisten, 563 (over de brief van Herodes Atticus aan Avidius Cassius)

Kemezis, A. (2021), ‘Avoiding the Eastern Question: Avidius Cassius and the Antonine Succession in Cassius Dio’, in: J.M. Madsen en C.H. Lange, Cassius Dio the Historian: Methods and Approaches, Leiden, p. 195-222.

Levick, B. Faustina I and II: Imperial Women of the Golden Age, New York, 2014.

Coverafbeelding: adaptatie van de 3D-sketch “Equestrian Statue of Marcus Aurelius” van leifchri92 op Sketchfab (CC BY 4.0)

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]

Het bericht Quis est? Avidius Cassius, slachtoffer van fake news van Bram Fauconnier verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/23/10/2021/quis-est-avidius-cassius-slachtoffer-van-fake-news/feed/ 0 2056
‘Fire and Fury’, of toch gewoon oude wijn in nieuwe zakken? Michael Wolff en antieke historici over hun methode https://www.oudegeschiedenis.be/15/01/2018/fire-and-fury-toch-gewoon-oude-wijn-nieuwe-zakken-michael-wolff-en-antieke-historici-methode/ https://www.oudegeschiedenis.be/15/01/2018/fire-and-fury-toch-gewoon-oude-wijn-nieuwe-zakken-michael-wolff-en-antieke-historici-methode/#respond Mon, 15 Jan 2018 16:38:51 +0000 http://www.oudegeschiedenis.be/?p=555 Michael Wolff, 'Fire and Fury: Inside the Trump White House'

De inleiding van het veelbesproken boek van Michael Wolff, 'Fire and Fury: Inside the Trump White House' opent met een paragraaf over de methode waarin de auteur van dit schandaalboek uitlegt welke methode hij heeft gebruikt om verhalen over de president neer te schrijven. Iemand die zijn klassiekers (of althans de historiografen) een beetje kent, heeft de indruk dit al eens gelezen te hebben.

Het bericht ‘Fire and Fury’, of toch gewoon oude wijn in nieuwe zakken? Michael Wolff en antieke historici over hun methode van Geert De Mol verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
Michael Wolff, 'Fire and Fury: Inside the Trump White House'

“Heel wat verhalen over wat gebeurt in het Witte Huis onder Trump zijn in tegenspraak met andere verhalen. Andere verhalen zijn, geheel in de stijl van Trump zelf, onwaarheden. Die tegenstellingen, en dat losse omgaan met de waarheid en de realiteit, vormen een rode draad in dit boek. Soms heb ik de spelers hun versie van de feiten laten weergeven en is het aan de lezer ze te beoordelen. In andere gevallen heb ik, door de consistentie van verschillende bronnen die ik kan vertrouwen, versies neergezet van gebeurtenissen waarvan ik geloof dat ze echt zijn.”

Aldus citeert Het Laatste Nieuws de inleiding van het veelbesproken boek van Michael Wolff, ‘Fire and Fury: Inside the Trump White House. Iemand die zijn klassiekers (of althans de historiografen) een beetje kent, heeft de indruk dit al eens gelezen te hebben.

Herodotus

En inderdaad, bij de Griekse historicus Herodotus (ca. 485-425/420 v.C.) vinden we de volgende passage:

ἐγὼ δὲ ὀφείλω λέγειν τὰ λεγόμενα, πείθεσθαί γε μὲν οὐ παντάπασι ὀφείλω, καί μοι τοῦτο τὸ ἔπος ἐχέτω ἐς πάντα λόγον. (Hist. VII, 152)

Ik moet zeggen wat gezegd is, ik moet zelf geenszins overtuigd zijn, en moge dit principe voor mij gelden in mijn hele werk.

Dit is het oordeel van betrouwbaarheid aan de lezer overlaten, door de verschillende versies allemaal aan te reiken, zonder zelf -expliciet- een voorkeur te laten blijken. Maar “in andere gevallen heb ik, door de consistentie van verschillende bronnen die ik kan vertrouwen, versies neergezet van gebeurtenissen waarvan ik geloof dat ze echt zijn, beweert Wolff. Bovendien gebruikt Herodotus hoofdzakelijk mondelinge bronnen, net zoals Wolff ook beweert te doen.

Thucydides

Thucydides, Grieks historicus

In zijn bekende methodekapittel vermeldt de Griekse historicus Thucydides (ca. 460-400 v.C.) expliciet zijn gevolgde methode bij het neerschrijven van zijn geschiedwerk. Dat klinkt bij hem zo:

Καὶ ὅσα μὲν λόγῳ εἶπον ἕκαστοι ἢ μέλλοντες πολεμήσειν ἢ ἐν αὐτῷ ἤδη ὄντες, χαλεπὸν τὴν ἀκρίβειαν αὐτὴν τῶν λεχθέντων διαμνημονεῦσαι ἦν ἐμοί τε ὧν αὐτὸς ἤκουσα καὶ τοῖς ἄλλοθέν ποθεν ἐμοὶ ἀπαγγέλλουσιν: ὡς δ᾽ ἂν ἐδόκουν ἐμοὶ ἕκαστοι περὶ τῶν αἰεὶ παρόντων τὰ δέοντα μάλιστ᾽ εἰπεῖν, ἐχομένῳ ὅτι ἐγγύτατα τῆς ξυμπάσης γνώμης τῶν ἀληθῶς λεχθέντων, οὕτως εἴρηται.
Τὰ δ᾽ ἔργα τῶν πραχθέντων ἐν τῷ πολέμῳ οὐκ ἐκ τοῦ παρατυχόντος πυνθανόμενος ἠξίωσα γράφειν, οὐδ᾽ ὡς ἐμοὶ ἐδόκει, ἀλλ᾽ οἷς τε αὐτὸς παρῆν καὶ παρὰ τῶν ἄλλων ὅσον δυνατὸν ἀκριβείᾳ περὶ ἑκάστου ἐπεξελθών. Ἐπιπόνως δὲ ηὑρίσκετο, διότι οἱ παρόντες τοῖς ἔργοις ἑκάστοις οὐ ταὐτὰ περὶ τῶν αὐτῶν ἔλεγον, ἀλλ᾽ ὡς ἑκατέρων τις εὐνοίας ἢ μνήμης ἔχοι. (Hist. I, 22)

Wat de verschillende sprekers in de toespraken die ik zelf gehoord heb, precies gezegd hebben, kon ik me niet goed meer herinneren en de mensen die mij verslag hebben uitgebracht over andere toespraken hadden dezelfde ervaring. Bij de weergave van de toespraken ben ik daarom uitgegaan van wat de sprekers naar mijn mening gezegd moeten hebben, gegeven de op dat moment bestaande situatie. Daarbij ben ik over het geheel genomen zo dicht mogelijk gebleven bij de strekking van wat er werkelijk is gezegd.
Wat de feitelijke oorlogshandelingen betreft, leek het me echter niet juist op te schrijven wat de eerste de beste informant me daarover te melden had of wat me waarschijnlijk voorkwam. Naar alle gebeurtenissen heb ik zo nauwkeurig mogelijk onderzoek verricht, of ik er nu zelf bij geweest was of mijn kennis van anderen gekregen had. Het heeft me heel wat moeite gekost de waarheid te achterhalen, want ooggetuigen vertelden verschillende verhalen over dezelfde gebeurtenissen. Dat hing ervan af welke partij hun voorkeur had of wat ze zich nog konden herinneren.

Ook Thucydides worstelde dus met het probleem van ooggetuigenverslagen die elkaar tegenspraken en is dus verplicht de gebeurtenissen te reconstrueren. Hij maakt daarbij echter wel een onderscheid tussen wat gezegd is (“ὅσα μὲν λόγῳ εἶπον”) en wat gedaan is (“τὰ δ᾽ ἔργα τῶν πραχθέντων”). Wolff maakt dit onderscheid duidelijk niet.

Tacitus

De Romeinse historicus Publius Cornelius Tacitus (ca. 56-117 n.C.) geeft ook aanwijzingen over zijn methode wanneer er verschillende versies van een verhaal de ronde doen. Zo merkt hij in het dertiende boek van zijn ‘Annales‘ het volgende op:

Nos consensum auctorum secuturi, quae diversa prodiderint sub nominibus ipsorum trademus. (Ann. XIII, 20)

Wij zullen de overeenstemmende mening van de auteurs volgen, maar waar ze verschillende versies overgeleverd hebben zullen wij ze onder hun eigen naam overleveren.

Suetonius

Michael Wolff, auteur van het schandaalboek over de Amerikaanse president Donald Trump

De eerste antieke auteur aan wie classici denken wanneer ze de auteur van een schandaalboek met een auteur uit de Oudheid moeten vergelijken, is wellicht de Romeinse biograaf Gaius Suetonius Tranquillus (69/70-140 n.C.). David Remnick, hoofdredacteur van The New Yorker, vergelijkt Donald Trump in zijn editoriaal met de Romeinse Keizer Nero en citeert daarbij Suetonius zonder Wolff expliciet met Suetonius te vergelijken:

What made the Emperor Nero tick, Suetonius writes in “Lives of the Caesars,” was “a longing for immortality and undying fame, though it was ill-regulated.” Many Romans were convinced that Nero was mentally unbalanced and that he had burned much of the imperial capital to the ground just to make room for the construction of the Domus Aurea, a gold-leaf-and-marble palace that stretched from the Palatine to the Esquiline Hill.

Het feit dat Remnick Suetonius citeert, is hier misschien gepaster dan men op het eerste gezicht zou denken: hoewel Suetonius niet expliciet zijn manier van werken vermeldt, blijkt uit zijn werk toch dat hij zich sterk focust op de figuur van de keizer, schrijft over alle aspecten van het leven van de keizers en de feiten voor zichzelf laat spreken, zij het meestal zonder een expliciet oordeel te vellen. Daarbij maakte hij zeker ook gebruik van mondelinge tradities en zelfs van praatjes en roddels. Michael Wolff werd in het verleden ook al beticht van een dergelijke losse omgang met de waarheid en de realiteit. Geheel passend in het thema laten we een paar bronnen voor zich spreken:

“De 64-jarige Wolff is allerminst een conventioneel journalist. Zijn procedé is telkens hetzelfde: hij legt zijn oor te luisteren op feestjes of tijdens lunch­partijen waar de drank stevig vloeit, en hij is niet vies van geruchten. Hij slaagt er vaak in om met enkele welgemikte woorden in zijn teksten een suggestieve sfeer te creëren. Het is zijn bedoeling om de lezer een blik te gunnen achter de schermen van de politiek.” (VRT News)

“In reviewing Wolff’s 2008 book “The Man Who Owns the News: Inside the Secret World of Rupert Murdoch,” the late New York Times media columnist David Carr wrote: “Historically, one of the problems with Wolff’s omniscience is that while he may know all, he gets some of it wrong.”” (CNBC)

Arrianus

Lucius Flavius Arrianus, schrijver van de Anabasis Alexandri

Een minder bekende antieke auteur dan de voorgaande, maar wel de eerste aan wie de schrijver van dit stukje moest denken, is Lucius Flavius Arrianus (89 n.C – na 145/146 n.C.), een Griekstalig schrijver die in de inleiding van zijn ‘Anabasis Alexandri‘ (‘Veldtocht van Alexander’) het volgende opmerkt:

Πτολεμαῖος ὁ Λάγου καὶ Ἀριστόβουλος ὁ Ἀριστοβούλου ὅσα μὲν ταὐτὰ ἄμφω περὶ Ἀλεξάνδρου τοῦ Φιλίππου συνέγραψαν, ταῦτα ἐγὼ ὡς πάντῃ ἀληθῆ ἀναγράφω, ὅσα δὲ οὐ ταὐτά, τούτων τὰ πιστότερα ἐμοὶ φαινόμενα καὶ ἅμα ἀξιαφηγητότερα ἐπιλεξάμενος. Ἄλλοι μὲν δὴ ἄλλα ὑπὲρ Ἀλεξάνδρου ἀνέγραψαν, οὐδ᾽ ἔστιν ὑπὲρ ὅτου πλείονες ἢ ἀξυμφωνότεροι ἐς ἀλλήλους: ἀλλ᾽ ἐμοὶ Πτολεμαῖός τε καὶ Ἀριστόβουλος πιστότεροι ἔδοξαν ἐς τὴν ἀφήγησιν. […] Ἔστι δὲ ἃ καὶ πρὸς ἄλλων ξυγγεγραμμένα, ὅτι καὶ αὐτὰ ἀξιαφήγητά τε μοι ἔδοξε καὶ οὐ πάντῃ ἄπιστα, ὡς λεγόμενα μόνον ὑπὲρ Ἀλεξάνδρου ἀνέγραψα. (Arr. An. I, pr.)

Wat Ptolemaios, de zoon van Lagos, en Aristoboulos, de zoon van Aristoboulos, beiden hetzelfde over Alexander, de zoon van Philippos, opschreven, dat schrijf ik op als volkomen waar, wat zij het niet hetzelfde [opschreven], daarvan heb ik geselecteerd wat mij betrouwbaarder voorkomt en tegelijk vermeldenswaardiger. Sommigen schreven het ene over over Alexander, anderen iets anders; en er is niemand over wie meer of meer met elkaar in tegenspraak zijnde auteurs geschreven hebben. Maar mij schijnen Ptolemaios en Aristoboulos het meest betrouwbaar voor mijn relaas […] Wat er bestaat aan geschriften die door anderen geschreven zijn, schreef ik, omdat ook die mij het vermelden waard en niet geheel onbetrouwbaar leken, op als dingen die slechts over Alexander gezegd zijn.

Conclusie

Concluderend kunnen we dus stellen dat Michael Wolff een aanpak hanteert die zo oud is als de straat. Omdat geweten is dat het relaas van antieke historici met de nodige korrel zout genomen moet worden, is het ook het beste diezelfde strategie toe te passen op Michael Wolff. Daarbij moeten we steeds de wijze woorden van Thucydides in het achterhoofd houden:

[…] οὔτε ὡς ποιηταὶ ὑμνήκασι περὶ αὐτῶν ἐπὶ τὸ μεῖζον κοσμοῦντες μᾶλλον πιστεύων, οὔτε ὡς λογογράφοι ξυνέθεσαν ἐπὶ τὸ προσαγωγότερον τῇ ἀκροάσει ἢ ἀληθέστερον […] (Thuc. I, 21)

Men moet niet te zeer afgaan op de poëzie van de dichters, want die hebben de zaken groter en mooier voorgesteld dan ze waren. Ook moet men niet te veel waarde hechten aan de geschriften van de kroniekschrijvers, want die vonden het belangrijker om met een verhaal te komen dat prettig in het gehoor lag, dan om precies de waarheid te vertellen.

Beknopte bibliografie

Lewin, L. 2002. Thucydides. Een blijvend bezit. De oorlog tussen de Peloponnesiërs en de Atheners. Κτῆμα ἐς αἰεί. Delft: Eburon.

Coverfoto: remix van de afbeelding ‘American Flag’ van de website PublicDomainPictures.net (CC0 1.0) en de cover van het boek Fire and Fury van Michael Wolf op Wikipedia

Het bericht ‘Fire and Fury’, of toch gewoon oude wijn in nieuwe zakken? Michael Wolff en antieke historici over hun methode van Geert De Mol verscheen eerst op OUDE GESCHIEDENIS.

]]>
https://www.oudegeschiedenis.be/15/01/2018/fire-and-fury-toch-gewoon-oude-wijn-nieuwe-zakken-michael-wolff-en-antieke-historici-methode/feed/ 0 555