https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Svedomsky-Fulvia.jpg

Fulvia, de vrouw die niets voor het huishouden voelde

Weinig antieke vrouwen hadden zoveel politieke invloed als Fulvia Flacca Bambula. Door haar drie huwelijken, telkens met een belangrijke politicus, was zij nauw betrokken bij de strijd om de macht in de woelige 1ste eeuw v.C. Fulvia is minder bekend –thanks, HBO- maar zeker niet minder fascinerend dan illustere tijdgenotes als Cleopatra of Octavia. Zo was ze de eerste sterfelijke vrouw die op een Romeinse munt opdook. Haar invloed was de toekomstige keizer Augustus zo’n doorn in het oog dat hij in zijn pen kroop om een vulgair epigram te schrijven om haar te belasteren. Later is ze  dan ook vooral bekend geworden voor de scène waarin ze uit wraak haarspelden door Cicero’s tong gestoken zou hebben (zie ook de blogpost ‘Waren de Romeinen koppensnellers?’).

Fulvia en het hoofd van Cicero: vol verwachting houdt ze in dit schilderij van Maura y Montaner de haarspelden in de aanslag.

In moderne tijden groeide Fulvia als sterke vrouw uit tot een icoon van het feminisme. In de oudheid werd haar politieke en vermeende militaire optreden haar echter niet in dank afgenomen door de geschiedschrijvers, niet toevallig mannen uit de gegoede klasse. Zij schetsen het beeld van een dominante, hebzuchtige en wrede ‘virago’, een vrouw die alle gendergrenzen overschrijdt. Dit onfraaie beeld leert ons weliswaar veel over hoe hevig (mannelijke) Romeinen reageerden op vrouwen die zich in de publieke ruimte waagden, maar het betekent ook dat het moeilijk is om uitspraken te doen over de historische Fulvia, wat op zichzelf natuurlijk veelzeggend is. Laat ons toch een poging ondernemen.

Vrouwen in de Late Republiek

Net als ieder ander was Fulvia een kind van haar tijd, en haar lotgevallen kunnen niet los gezien worden van de uitzonderlijke omstandigheden waarin ze leefde. Traditioneel hadden Romeinse vrouwen weinig rechten. Ze mochten niet stemmen, hadden niet het recht in beroep te gaan en wettelijk gezien waren ze eeuwig minderjarig en dus onderhevig aan de voogdij van een mannelijke verwant. Ten gevolge van de burgeroorlogen van de 1ste eeuw v.C. kwam er verandering in de situatie van de Romeinse vrouw. Door de lange afwezigheid of zelfs de dood van vele mannelijke familieden was er op het thuisfront geen machtige pater familias meer. Bovendien waren er vaak meerdere generaties van mannen bij het krijgsgebeuren betrokken, waardoor vrouwen grote sommen geld erfden. Vooral vrouwen uit de hogere klassen, zoals Fulvia, maakten van deze situatie gebruik om zich meer te laten gelden in de publieke sfeer.

Voor Romeinse vrouwen was het devies sois belle et tais-toi

Het bewogen leven van Fulvia

We ontmoeten Fulvia voor het eerst in 60 v.C., bij haar eerste huwelijk met de beruchte demagoog Clodius, bekend van zijn bittere vete met Cicero. Haar eerste publieke optreden vond plaats op de begrafenis van Clodius, die tijdens een gewelddadige confrontatie – hoe kon het ook anders in de 1ste eeuw v.C. – vermoord was door de bodyguards van zijn politieke tegenstander Milo, een bekende scène voor wie in de middelbare school Latijn volgde. Minder bekend is dat Fulvia zijn lichaam door de straten van Rome droeg en zoveel misbaar maakte dat er rellen uitbraken en Clodius’ aanhangers hem prompt cremeerden, tezamen met het Romeinse senaatsgebouw. Fulvia slaagde er daarna in om de loyaliteit van Clodius’ medestanders vast te houden, en gecombineerd met haar aanzienlijk fortuin maakte dit haar tot een macht om rekening mee te houden. In 52 v.C. hertrouwde ze met Gaius Scribonius Curio, een andere vooraanstaande politicus uit de partij van Clodius en Caesar. Al snel kwam ook Curio echter op gewelddadige wijze aan zijn einde.

De Curia Iulia, de vervanger van de met Clodius in de vlammen opgegane Curia Cornelia

Het bekendst, of beruchtst, is Fulvia van haar derde huwelijk, met de triumvir Marcus Antonius. Gedurende de hele woelige periode 47-40 v.C. stond ze haar echtgenoot bij in diens strijd met Cicero en Octavianus, de toekomstige keizer Augustus. Vooral over deze periode zijn de bronnen heel negatief: zij zou uit eigenbelang haar man gedomineerd hebben, en hij zou met haar getrouwd zijn omwille van haar geld. Het koppel zou “provincies en koninkrijken bij opbod verkocht hebben”. Daarnaast zouden ze in grote mate verantwoordelijk geweest zijn voor de bloederige proscripties, waarbij vijanden van het triumviraat ter dood veroordeeld werden en hun bezit geconfisqueerd. Zo zou Fulvia volgens één bron haar buurman op de proscriptielijst geplaatst hebben, omdat die zijn huis niet aan haar had willen verkopen. Ook Cicero werd het slachtoffer van deze praktijk. Verder bemiddelde Fulvia meermaals direct bij de senaat wanneer die Antonius tot staatsvijand wilde uitroepen. Volgens Cassius Dio was zij de echte consul wanneer Antonius en Octavianus niet in Rome waren, eerder dan de verkozenen. Kortom, Fulvia was een bezige bij.

Het sluitstuk van Fulvia’s publieke carrière was de zogenaamde Perusinische Oorlog. In 41 v.C., toen Marcus Antonius zelf in het oosten was – en voor het eerst kennismaakte met Cleopatra! – verdedigde ze de belangen van haar echtgenoot, samen met diens broer Lucius, bij de verdeling van gronden aan veteranen in Italië. Dit leidde tot spanningen met Octavianus, die deze belangrijke groep ook aan zich wilde binden. Uiteindelijk mondden deze spanningen uit in een gewapend conflict. Volgens sommige latere bronnen voerde Fulvia in eigen persoon de troepen aan. Na enkele maanden moesten Lucius en Fulvia zich terugtrekken in Perusia, het huidige Perugia, dat daarop belegerd werd. Uitgehongerd gaven ze zich na een tijd over en Fulvia vluchtte naar Griekenland, waar ze door Antonius in de steek gelaten werd. Niet veel later stierf ze. Dit kwam goed uit voor Antonius en Octavianus, die de schuld voor hun conflict op Fulvia afschoven en aldus (voor even) vrede sloten.

Munt geslagen door Marcus Antonius. De voorzijde toont de gevleugelde godin Victoria, naar verluidt met de gelaatstrekken van Fulvia, maar de toeschrijving is onzeker

Een vernietigend portret

Hoe groot Fulvia’s rol in deze gebeurtenissen echt was, is moeilijk te bepalen. Dat heeft alles te maken met de bronnen die over haar schrijven. De bewaarde werken zijn namelijk zo goed als allemaal van de hand van auteurs die Fulvia en haar echtgenoten vijandig gezind waren. Tijdens haar leven schreef vooral Cicero over Fulvia. Cicero vocht bittere vetes uit met zowel Clodius als Marcus Antonius. Aan die laatste wijdde Cicero zijn Philippicae, een reeks beschadigende redevoeringen, en het is in deze teksten dat hij Fulvia opvoert als een wrede, hebzuchtige en dominante vrouw om de zwakte van Antonius te benadrukken. Anderzijds zag hij in Fulvia mogelijk ook de opvolgster van zijn rivaal Clodius.

Octavianus: niet zo deugdzaam als hij liet uitschijnen, maar wel een meesterlijk propagandist

Ook de propagandamachine van Octavianus werkte in die tijd op volle toeren. Via Martialis is er een epigram van Octavianus zelf overgeleverd waarin die refereert aan de affaire tussen Marcus Antonius en Glaphyra, de koningin van Cappadocië. De toekomstige keizer schrijft dat Fulvia hem dan voor de keuze stelde: eveneens ontucht plegen, of vechten. Octavianus laat ons daarop weten dat “zijn lul hem dierbaarder is dan zijn leven” en dat hij daarom het gevecht aangaat. De toekomstige keizer van Rome lijkt hier dus niet ver boven het niveau van de gemiddelde ‘online troll’ verheven geweest te zijn.

Dit negatieve beeld oefende een grote fascinatie en tegelijk ook afkeer uit op latere geschiedschrijvers, steevast mannen die tot de hogere klassen behoorden. Plutarchus, die in het algemeen al een vrij negatief vrouwbeeld had, noemt haar “een vrouwtje dat niet gaf om spinnen of huishoudelijk werk”, zij wilde “niet enkel regeren over een gewoon burger, maar heersen over een heerser en een commandant commanderen”. Volgens Paterculus “had zij niets van een vrouw, behalve het lichaam”. Cassius Dio gaat het verst in zijn negatieve typering, en het is aan hem dat we de scène met het hoofd van Cicero te danken hebben. Hij schrijft hierover:

Fulvia nam het hoofd in haar handen voor het werd weggehaald en begon er vreselijk tegen uit te varen. Ze zette het op haar knieën, maakte de mond open, trok de tong naar buiten en stak daar een van haar haarpinnen doorheen. Daarbij maakte ze ook nog allerlei smerige, sarcastische opmerkingen. (vertaling G. De Vries)

Fulvia: een “gevaarlijke” vrouw

Wat moeten we nu met de overgeleverde informatie? De bronnen zijn duidelijk gekleurd, en de auteurs gebruikten Fulvia elk voor hun eigen doeleinden. Haar dominante rol moest voor Cicero en Plutarchus in de eerste plaats de zwakte van Antonius in de verf zetten. Haar wreedheid vinden we dan weer terug in de passages over de proscripties. Door de rol van Octavianus’ tegenstanders uit te vergroten, wilden diens propagandisten, zoals Cassius Dio, de verantwoordelijkheid van de toekomstige keizer in deze pijnlijke gebeurtenissen verdoezelen. Bovendien komen vrouwen zelden toevallig voor bij de antieke auteurs. Zij waren moralistisch geïnspireerd en de vrouwen die ze opvoerden, fungeerden als voorbeelden van hoe het wel of – in dit geval – niet moest. Dit maakt het heel moeilijk om Fulvia’s ware rol in de gebeurtenissen te achterhalen.

Romeinse slingerkogel met inscriptie

Haar prominente aanwezigheid in de bronnen wijst er op zijn minst op dat Fulvia een bekend en invloedrijk figuur was. Dat ze zeker een rol gespeeld heeft, wordt ook aangetoond door archeologische bronnen. In de buurt van Perugia zijn slingerprojectielen opgegraven met obscene boodschappen – om de lezer gerust te stellen: af en toe schreven de Romeinen ook nog niet-obscene boodschappen – aan haar adres. Dit bewijst dat de vijandige soldaten haar goed genoeg kenden om zich rechtstreeks tot haar te richten. Stond zij werkelijk bevelen te roepen vanop de muren van Perugia, met het zwaard in de hand? Waarschijnlijk niet, maar het is wel aannemelijk dat zij haar politieke invloed aanwendde in de publieke ruimte.

 

Dat verklaart waarschijnlijk de hevige reactie van de antieke auteurs. Politieke en zeker militaire activiteiten waren typisch mannelijke prerogatieven, die de positie van de man in de maatschappij moesten legitimeren. Ook het publiek spreken was een belangrijk element van de mannelijke identiteit. Het beeld van een vrouw met te veel macht ondermijnde de sociale structuren en duidde op een maatschappij in crisis, wat de Romeinse mannen angst aanjoeg. Augustus’ agressieve epigram kan trouwens ook gelezen worden als een poging om zijn eigen mannelijkheid te bevestigen. Deze opvattingen leidden zeker bij de latere auteurs, die Fulvia’s werkelijke rol niet meer konden onderscheiden van de propaganda, tot uitingen van afkeer en tot het beeld van een dominant manwijf. In die latere tijden was er overigens geen ruimte meer voor zulke directe vrouwelijke invloed, een erfenis van Augustus’ hervormingen. De geschiedenis is dus geen lineaire vooruitgang naar een betere wereld voor iedereen. Dat besef is ook vandaag nog relevant, want er zijn nog steeds mannelijke stemmen die de vrouwelijke het liefst het zwijgen zouden opleggen.

Coverfoto: schilderij ‘Fulvia with the head of Cicero’ van Pavel Svedomsky (1849-1904) op Wikimedia

Nico Dogaer studeerde in 2015 af als master in de geschiedenis van de oudheid. Sindsdien is hij verbonden aan de onderzoeksgroep Oude Geschiedenis. Zijn interesse gaat vooral uit naar de multiculturele samenleving en de socio-economische geschiedenis van Grieks-Romeins Egypte. Momenteel werkt hij als FWO-aspirant aan een doctoraat over de rol van de staat in de Ptolemaeïsche handel en nijverheid.

Geef een reactie